zondag 14 mei 2017

Audiodescriptie

De eerste keer dat ik een blinde man interviewde is al lang geleden. Het was een sporter die had meegedaan aan de Paralympische Spelen en hij vertelden me enthousiast over de openingsceremonie. Hoe indrukwekkend het was en wat hij had gezien. Ik was in verwarring. Volgens mijn informatie was de man blind en dat was bij hem ook vrij duidelijk te zien. Toch had hij het over kijken. Ik wist niet goed hoe ik hem moest vragen hoe dat nou zat.

Intussen weet ik dat ook in het vocabulaire van blinden en slechtzienden de woorden zien en kijken gewoon voorkomen.
“Tot ziens”,
“ik moet even in m’n agenda kijken”,
“dat zien we nog wel”,
“heb je gisteren het songfestival gezien?”
Want, o jawel, ook blinde mensen kijken naar de televisie of naar YouTube filmpjes. Sinds 2015 bestaat er een app waarmee Nederlandse films en tv-series voorzien worden van audiodescriptie. Een extra geluidsbestand waarin een stem vertelt wat er in beeld gebeurt. Een handige app die je op je iPhone zet en waarmee je dan de beschrijvingen kunt horen. Thuis voor de TV, maar ook met je eigen oortjes in de bioscoop.    

Jammer genoeg doet de app alleen Nederlandstalige films en tv-series. En dan nog alleen die series waarvoor audiodescriptie voorhanden is. Want het geluidsbestand komt natuurlijk niet uit de lucht vallen. Iemand moet dat maken.

Hoe doe je dat eigenlijk? Toen we voor het eerst van audiodescriptie hoorden, bedachten collega A. en ik dat we dat toch eigenlijk wel moesten kunnen. Het moet net zoiets zijn als naast je blinde vriendin in de bioscoop zitten en af en toe fluisterend uitleggen wat er in beeld gebeurt. We gingen een middag bij elkaar zitten met een uitzending van Boer zoekt vrouw en kwamen erachter dat dat toch helemaal niet meeviel. Wat moet je wel en niet beschrijven, en hoe prop je dat in vredesnaam tussen al het gebabbel in? We lieten het project voorlopig vallen.

Toen zagen dat er een tweedaagse cursus audiodescriptie werd aangeboden. We waren meteen nieuwsgierig en enthousiast en schreven ons samen met nog twee andere collega’s onmiddellijk in.
Een vrijdag en een zaterdag lang zitten we met 12 cursisten bij elkaar en leren van alles over de kunst van het beschrijven en alle afwegingen die je daarbij moet maken.
Hoeveel ruimte heb ik tussen de dialogen in een film?
Wat is belangrijk om het ‘verhaal’ te kunnen volgen?
Hoe formuleer je dat zo kort mogelijk?
Mag iets heel belangrijks door een gesprek heen gezegd worden?
Is dit filmpje nou eigenlijk een instructie of een sfeerverhaaltje?
Mag ik iets uitleggen voordat het in beeld is omdat het verderop niet past?
Heb ik het over “de man”, “een man”, “een jongeman”, “David” of … ?
Eindeloos veel vragen waarover we discussies voeren.


Onze docente is opgetogen over de levendigheid van de groep maar moet ons af en toe in het gareel houden om aan alle programmaonderdelen toe te kunnen komen. Op zaterdagmiddag zijn we zo ver dat we, alleen of in tweetallen, ieder aan de slag gaan met een eigen filmpje en halverwege de middag wordt het allereerste YouTube filmpje met audiodescriptie gezamenlijk bekeken en kritisch beoordeeld. Alles klopt. De elektronische vrouwenstem blijft netjes uit alle dialogen en relevante geluiden van het filmpje en vertelt precies genoeg om aan te vullen wat iemand niet kan zien. Applaus uit de groep.
Na twee dagen kijkt iedereen tevreden terug op de cursus. We hebben veel geleerd. En nu begint het pas echt. Want het zal heel wat oefening kosten om even snel een filmpje van een paar minuten van audiodescriptie te kunnen voorzien. Nu doen we daar letterlijk nog uren over. Maar er is materiaal genoeg om mee te oefenen. Een heel internet vol!

(promofilmpje van de app earcatch :  https://vimeo.com/139189696 )

1 opmerking:

Master of Art in Japanese studies.

Eind augustus hoorden we na lang wachten dat zoon J. een voldoende voor zijn scriptie had gehaald. Trots. Blij. Opgelucht! En toen een paar ...