zaterdag 23 november 2013

Blindengeleidehonden


Toevallig  heeft mijn dochter een vrije dag als ik met mijn twee slechtziende redacteuren een vergadering bij mij thuis heb afgesproken. Ze wil ze wel even van de trein gaan halen in haar Fordje Ka. Passen daar twee passagiers en twee geleidehonden in? Vast wel.

Terwijl zij op weg gaat naar het station, zet ik koffie en speculaas klaar en maak al wat voorbereidingen voor de lunch, zodat dat straks niet te veel tijd kost. We hebben veel te bespreken en om half drie moeten ze weer weg.
Als ze een tijdje later binnenkomen is het huis meteen vol hond. Twee vrolijke labradors verkennen het huis, slobberen gulzig van het water dat ik voor ze neerzet en snuffelen in alle hoeken voordat ze een plekje zoeken in de buurt van onze voeten.

We beginnen met koffie, koek en even bijkletsen. Het gaat vooral over de honden, die dan ook behoorlijk aanwezig zijn. De grootste heeft meteen vriendschap met mijn dochter gesloten, die, volwassen als ze is, meteen weer de Mama-ik-wil-ook-een-hond reflex heeft. De blonde labrador is sinds kort de geleidehond van E. Ze vertelt hoe blij ze met hem is en hoe anders hij is dan haar vorige hond, die al een paar jaar geleden overleden is. De kleinere zwarte is een stuk ouder, en ondergaat het dolle geduw en gesnuffel van de ander een beetje lijdzaam. 

Maar als we na de lunch even naar buiten gaan, zodat de twee nog even kunnen rennen voor de terugreis, is het de zwarte die over een slootje springt, een rietsigaar vangt en woest stukbijt en weigert om meteen braaf terug te komen als het baasje roept. We zijn maar net op tijd terug. De taxi voor A. staat al voor en de chauffeuse zegt een beetje kribbig dat ze op het punt stond om weer weg te rijden.
“Maar er was afgesproken dat jullie eerst zouden bellen”, zegt A. geschrokken. Ze stapt in de taxi en deze keer luistert haar zwarte monster gelukkig meteen en komt netjes voor haar voeten zitten.

E. gaat met de bus naar het station en omdat mijn dochter inmiddels vertrokken is, breng ik haar naar de halte. Met de fiets, want een kilometer lopen kan ik op het moment niet. Je moet goed nadenken over hoe je iemand met een geleidehond de weg wijst. Ik vertel waar wel en geen stoep loopt, waar een oversteek is en waar we links of rechtsaf moeten. Dat is precies genoeg informatie voor E. om haar hond de goede commando’s te kunnen geven. En de rest doet hij. Als ik ze even voor laat gaan omdat op een voetpad zo’n zig-zag hekje staat, zie ik dat de hond keurig precies genoeg ruimte maakt om E. door het hekje te laten. “Wat doet ie dat knap”, roep ik vanaf m’n fiets en E. zegt trots: “Dat is de eerste keer dat we zo’n hekje doen!” Bij de bushalte laat ik het duo met een gerust hart achter.

Ik fiets naar huis om een verslag te gaan maken van onze vergadering. Het was een productieve bijeenkomst, maar dat is niet interessant voor een blog; dat komt gewoon in de notulen.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...