woensdag 8 januari 2014

Oud huis, nieuwe bewoners


Net elf uur geweest. We zijn mooi op tijd. Mijn dochter parkeert de auto netjes voor de heg en als we uitgestapt zijn, blijven we even staan kijken naar het huis. 
 De tuin ligt er netjes bij en er staat een klein bankje buiten voor het raam. De eerste voorbode van alle veranderingen in het huis van mijn overleden vader.
We lopen gewoontegetrouw naar de schuurdeur achter. Die staat wijd open en we stappen aarzelend naar binnen. "Hallo?" 
Sinds twee weken hebben we tijdelijke huurders: een moeder en dochter, die dringend woonruimte zochten en erg blij zijn met dit voorlopige onderdak. In ruil voor een schappelijke huurprijs knappen ze het huis van binnen op. 

We worden hartelijk verwelkomd door M., die zich verontschuldigt voor de rommel; de stofzuiger heeft het vanmorgen begeven. De vloer ligt inderdaad vol witte flintertjes van iets, maar daar kijken we overheen. Midden in de kamer staat een nieuwe, lage bank met gezellige schapenbontjes erop en de wandkast is verplaatst naar een andere muur. De ingebouwde boekenkast is nu een nis, die lichtblauw geverfd is.  Één muur is vrijgemaakt om te gaan witten.
Er moet duidelijk nog het een en ander gebeuren, maar het oogt ruimer dan vroeger. De muffe geur van leegstand is weg. Toch is het nog helemaal mijn ouderlijk huis. De schilderijen van mijn moeder hangen nog steeds aan de muur en ook de eettafel en stoelen zijn gebleven. 

M. biedt ons koffie en thee aan en vanaf de lage bank kijken we rond. De gordijnen zijn weg. Het oude, elektronische orgel van mijn vader staat er nog. We hebben het niet over ons hart kunnen verkrijgen om dat gekke orgel weg te doen. "We hadden in de kerstvakantie logé's die er geweldig lol mee hadden", vertelt M. Het blijft dus gewoon nog een tijdje staan.
Na de koffie maken we een rondje door het huis. De voordeur, waarvan ik me niet kan herinneren dat we hem ooit gebruikten, wordt in ere hersteld. M. vertelt dat het volgens de feng sui regels verkeerde energie brengt om de voordeur dicht te laten en de achterdeur open. Van achter je rug kunnen vervelende onverwachte dingen binnen komen. Ik lach dat we het dan toch wel heel lang erg verkeerd hebben gedaan. Ze kan het hebben. "Ach, het heeft ook wel iets sympathieks als mensen gewoon achterom kunnen lopen en binnenkomen." 

Boven is hard gewerkt. De vroegere slaapkamer van mijn ouders is helderwit geschilderd en wat ooit mijn kamer was, wordt nu onder handen genomen. Het behang met vochtvlekken is er af getrokken en de oude vloerbedekking weggehaald. Ik herinner me de planken vloeren als ik ze zie. Dat is lang geleden...
Dan gaan we terug naar de schuur, waar E. een aantal dozen had opgeslagen die ze nu mee wil nemen. Het is vochtig in de schuur. Zó vochtig dat ze de spullen niet langer wil laten staan. Dat blijkt heel terecht: de onderste verhuisdozen vallen bijna uit elkaar. E. Moet de inhoud overhevelen in twee verse dozen om het mee te kunnen nemen.
M. loopt mee naar de auto en zegt dat we altijd welkom zijn. Vanuit een volgepakte auto zwaaien we naar haar. Als we de hoek om draaien zie ik haar naar binnen gaan door de voordeur van het huis.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...