vrijdag 7 maart 2014

Stedentrip naar Leiden


Twee dagen Leiden. 
Onze eerste stedentrip sinds mijn nieuwe heup.
We moeten een beetje zuinig zijn met onze loopkilometers, want die zijn beperkt. De mijne tenminste, dus H. zet me om te beginnen af bij de Pelikaanhof, het studentencomplex. Mijn zoon is blij met z’n basgitaar die we hem komen brengen. Hij begint er meteen op te spelen en vergeet me koffie aan te bieden. Geeft niet, we zijn tóch van plan om straks ergens koffie te gaan drinken.
Als H. de auto geparkeerd heeft, komt hij me halen en lopen we door een winkelstraat naar hotel Rembrandt, waar we ons koffertje alvast neerzetten. Het hotel is midden in het centrum, op de Nieuwe Beestenmarkt. Dichtbij molen De Valk, die ik eigenlijk wel wil bezoeken. Maar vandaag gaan we naar het Oudheidkundig Museum. Er is een tentoonstelling over Petra, een oude woestijnstad in Jordanië.
Vanaf het hotel lopen we eerst naar Grand Café Van Buuren. Een ruim café waar ze lekkere koffie hebben en fijne zitbanken. We zijn er eerder geweest. “Ik herinner me niet dat er vorige keer ook zo veel leuke jongens in de bediening liepen”, zeg ik tegen H. en hij merkt op dat ze allemaal een baardje hebben. Zo’n modieuze “week-niet-geschoren” baard. “Staat ze goed”, vind ik en dan komt één van de mannen onze koffie brengen.
H. zegt iets positiefs over het interieur en de jongen heeft wel zin in een praatje. Hij vertelt dat ze meer panden hebben, nog één in Leiden en twee in Den Haag. Hij werkt alleen in dit café; maar niet full time, want hij heeft ook nog een ander baantje. En hij doet cursussen om sportinstructeur te worden. Dat wil hij echt graag. Dan moet hij verder om andere gasten van koffie te voorzien. Ik kijk hem na. Sportinstructeur… z’n uiterlijk en z’n enthousiasme heeft ie alvast mee.
Na de koffie lopen we naar het Oudheidkundig Museum en daar bekijken we Petra. Een mooie tentoonstelling over een boeiende stad uit de oudheid. Maar na drie verdiepingen slenteren en alle trappen daartussen, ben ik blij als ik weer even kan zitten. Gewoon in de hal op een richel, tussen allemaal oudere dames van een reisgezelschap, terwijl H. de museumwinkel bekijkt.
Een half uur later kan ik wel weer verder. We lopen richting hotel en komen wel drie boekwinkels tegen. Een filiaal van Polare dat tot onze verbazing open is, iets verderop tot onze nog grotere verbazing een aparte winkel van De Slegte, en dan nog een losse boekwinkel, waar we naar binnen gaan en allebei een boek kopen. Voor straks in het hotel. Want als we daar aangekomen zijn, heb ik voorlopig echt even genoeg gewandeld.

Het valt helemaal niet tegen wat er al kan. Een tentoonstelling bezoeken en dan nog tot half vier door de stad sjouwen. Vanavond uit eten met onze zoon en verder gewoon lekker lezen op onze ruime hotelkamer. Voorlopig zijn we hier best tevreden mee!  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...