zaterdag 4 mei 2019

Eng boek


Deze week interviewde ik voor ons bedrijfsblad de twee vrijwillige voorlezers die “Mijn Strijd” van Hitler aan het inlezen zijn, om het beschikbaar te maken voor mensen met een leeshandicap. Ze doen dat met z’n tweeën omdat het boek veel voetnoten heeft en bovendien bij elk hoofdstuk een verklarende inleiding. 

Ik vroeg R., die de tekst van Hitler zelf leest, wat hij van het boek vond. Hij zei dat het volgens hem geen goed besluit was om het verbod op het boek op te heffen. Al lezend merkte hij dat het nog steeds een gevaarlijk boek is. Het is op een bepaalde, hypnotiserende manier opgebouwd.

Als een soort zelfbescherming is R. gaan zoeken naar extra informatie en probeert hij te achterhalen hoe “Mijn Strijd” nou eigenlijk in elkaar zit. “waar de lont en de slagpen zitten”.  Een keer in de week leest hij een avond voor en inmiddels zijn er 600 van de 850 bladzijden achter de rug.

Beide voorlezers vinden het een afschuwelijk boek, en toch lezen ze het van voor naar achter hardop voor, zodat ook wie blind is of om andere redenen niet kan lezen, dat nare boek tot zich kan nemen. Boeiend om met de mannen te praten. A., die de noten en inleidingen voorleest, is blij dat hij zo ‘het geweten’ van het boek mag zijn.

Interessant om te horen dat een niet bij name genoemde politicus in een toespraak hier en daar tamelijk letterlijk uit dit boek schijnt te hebben geciteerd.
Maar had het beter verboden kunnen blijven?
Je kunt zo’n boek wel verbieden, denk ik dan, maar de manier van denken die erachter zit, kun je daarmee niet wegdoen. Het is ook niet verkeerd om te wéten wat Hitler nou precies geschreven heeft. Maar ik ben wel blij dat ik “Mijn Strijd” niet hoef (voor) te lezen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...