zondag 19 mei 2019

Soms is een weekend net vakantie


Zaterdagavond lossen we een belofte van maanden geleden in en doen we m’n zwager en schoonzus een luxe etentje cadeau. Het is een gezellige avond met veel kleine, heerlijke gerechten. Daarna praten we bij ons thuis nog een tijdje na. Niemand heeft haast, want ze blijven slapen.

Zondagmorgen schijnt de zon. We bakken broodjes en persen sinaasappels uit en ontbijten buiten op het terras. In de wilg zit een lawaaiige koolmezenfamilie en vanaf het dak koert een Turkse tortel. Af en toe waait er een flard muziek uit de richting van het dorp. Ik bedenk dat dat van de lentefeesten moet zijn, die dit weekend in het winkelcentrum gehouden worden.

“En er is een braderie,” zeg ik en vertel dat ik ieder jaar weer gelokt word door die braderie en eigenlijk altijd teleurgesteld terugkom, omdat het altijd weer dezelfde soort kraampjes zijn met dezelfde soort onzinproducten. We lachen er samen om.

Toch besluit ik ’s middags om half vier, als de familie vertrokken is en H. een potje sport gaat kijken, om even naar het dorp te fietsen. Het is druk in het centrum. Op een groot podium zitten twee oudere mannen met een ingeblikt orkest mee te drummen en te zingen. De beat knalt als een mega-hartslag over het plein, dat is omgetoverd tot één groot terras. Mensen zitten er bier te drinken.  De muziek is niet mijn smaak, maar de sfeer is wel gezellig.
Verderop begint de braderie, die anders dan andere jaren in een lang lint van het plein af loopt. Er is wat meer variatie dan ik me van vorig jaar herinner. Als ik verder van de muziek weg loop, hoor ik in de verte onweer donderen. Het is bewolkt, maar wel zacht. Vanaf de braderie zie ik verderop brandweerwagens staan. Blijkbaar is er net een oefening geweest en nu zijn ze bezig de boel op te ruimen. Een paar kinderen worden in een bakje hoog de lucht in getakeld.  De lucht die steeds donkerder wordt.

De donder rommelt onafgebroken en ik besluit om terug te lopen naar m’n fiets, want het kan niet lang meer duren voordat het gaat regenen. Maar nee, het blijft bij een paar drupjes. Fijn voor de feestvierders op het plein, die hun biertje onverdund kunnen blijven drinken. Jammer voor de tuin, die smacht naar een flinke bui. Misschien komt die vannacht. Ik hoop het.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...