zondag 20 oktober 2019

Het Nieuwe Naturalis

Half Nederland heeft herfstvakantie. Niet gek dus dat er veel gezinnen met kinderen op hetzelfde idee kwamen als wij: we gaan kijken naar het vernieuwde Naturalis in Leiden. Toen onze eigen kinderen nog klein waren, zijn we er een paar keer geweest en dat was altijd leuk. Kinderen werden toen het hele museum doorgestuurd aan de hand van allerlei vragen die ze konden beantwoorden via computers die overal stonden. In mijn ogen was het een toegankelijk en interactief museum. We zijn benieuwd hoe het nu is, na een verbouwing die een jaar duurde.

Het gebouw is in elk geval erg mooi. Kwam je vroeger via een groot, vierkant huis van baksteentjes binnen dat via een luchtbrug naar het eigenlijke museum leidde, nu sta je meteen in een enorme, monumentale zaal. Honingraat- en bloemmotieven en ruige, rode stenen hinten naar natuur. Er zijn negen verschillende tentoonstellingen. De eerste heet ‘Leven’ en leidt ons van laag naar hoger langs een oneindig aantal opgezette dieren. Het licht verandert van dag naar nacht en weer naar dag en we lopen langzaam langs grote en kleine, bekende en onbekendere, gewone en bijzondere diersoorten. Om ons heen horen we ouders aan hun kinderen uitleggen dat dit een okapi is en dat een miereneter. Bordjes zijn er nauwelijks. Mensen benoemen dieren of halen hun schouders op. Wij hadden best iets meer informatie gewild.

Die krijgen we wel op de livescience afdeling. Hier worden regelmatig korte praatjes gehouden en er mogen vragen gesteld worden. We vallen in de voordracht van een vrouw die heel precieze tekeningen van dieren maakt. Ze richt zich vooral tot de kinderen. Verderop in deze zaal zitten mensen te werken. Ik kijk bij iemand die vlinders sorteert en hij begint me spontaan te vertellen over de verzameling vlinders waar hij van alles over uitzoekt en vastlegt. Leuk, dat enthousiasme!

We gaan verder naar de ijstijd, naar de vroege mens, naar de aarde. Er is veel te zien, maar overal blijft de informatie erg summier. Als we bij de beroemde Tyrannosaurus Trix staan te kijken, raken we in gesprek met een jonge man met een rugzakje en veel krullen. Wij vragen ons hardop af of het dijbeenbot echt is of namaak. Delen van het skelet ontbraken bij de vondst en zijn er bij gemaakt. Rugzakje vertelt nauwkeurig welke botten namaak zijn en hoe ze gemodelleerd zijn.
“Je weet er veel van,” zegt H. en hij lacht: “Dat mag ook wel, want ik werk hier.”
Dan vertelt hij hoe trots hij is op de triceratops in de vorige ruimte, waar hij aan heeft meegewerkt.

De volgende tentoonstelling gaat over de dood. Net als overal, wordt ook hier vooral rekening gehouden met het bevattingsvermogen van kinderen. Het betekent dat de dood zó omzichtig ter sprake wordt gebracht, dat ik er kriegel van wordt. Als je toch besluit om de dood als onderwerp van een tentoonstelling te hebben, lijkt het me logisch dat je dan benoemt dat we uiteindelijk allemaal dood gaan. Maar dat is blijkbaar te heftig. Het blijft bij beestjes en voorzichtige hints. Ik vind het een misser.
In ‘De verleiding’ heb ik geen zin meer. Behalve dat ik daar veel bloemetjes en bijtjes vermoed, heb ik ook gewoon genoeg gezien voor vandaag.

Het nieuwe Naturalis is prachtig en heel erg gericht op beleving. Beetje jammer voor informatiejunks, maar dat is nou eenmaal de nieuwe invalshoek. Voor informatie kan ik ook op internet terecht.  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...