zaterdag 2 maart 2019

Regenworm

Ik zit weer eens op m’n hurken op het zijpad langs mijn huis. Stukje bij stukje maak ik de smalle strook grond daar vrij van een opdringerige plant. Ik steek met m’n schop een blokje klei-achtige aarde uit, gooi dat omgekeerd terug en trek er alle wortels uit die ik kan vinden.

Terwijl ik met dat zen-werkje bezig ben, merk ik iets wonderlijks op. Regelmatig zit tussen de wortels een dikke, kronkelende regenworm. Nou ben ik niet bang voor een worm, maar ik ben er ook niet speciaal dol op. Toch realiseer ik me, dat ik steeds als ik zo’n beest zie, speciaal bij hele dikke exemplaren, een gevoel van voldoening heb. Een soort “ha, ik heb er weer één!” Alsof ik ze spaar of zo.

Ik vraag me af waar dat vandaan komt. Zou ik in een vorig leven soms wormenkweker geweest zijn? Of palingvisser? Of misschien gewoon een worm? (Ie, nee toch!)  Zo gaan m’n gedachten alle kanten op terwijl m’n klus langzaam maar zeker vordert.

Na een tijdje wordt in de verte de lucht donkerder en ik voel al een enkel spatje regen. Tijd om te stoppen. Want in de regen doorwerken, is me veel te fanatiek. Wormen komen juist naar buíten als de bui begint, maar ík berg gauw m’n gereedschap op en ga naar binnen. Nee. Vast nooit een regenworm geweest.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...