zaterdag 21 maart 2020

Vaderdagkabeltje

Mijn zoon J. heeft geen woest sociaal leven, maar nu de Universiteitsbibliotheek gesloten is, hebben we toch maar afgesproken dat hij de komende weken bij ons is. Zijn kamer in Leiden is wel erg klein om voor een nog onbekende periode zoveel mogelijk binnen te blijven. Net voordat de NS het aantal treinen drastisch beperkte, reisde hij gisteravond in alle rust naar Nijmegen, waar ik hem ging ophalen van het station.

Een kwartiertje voordat hij aan zou komen, liep ik de schuurdeur uit, drukte op het knopje om de auto te ontgrendelen en … er gebeurde niets. Toen ik de deur dan maar met de sleutel opende en probeerde te starten gebeurde er net zo weinig. Geen geluid, geen stottertje. Dood.

Nu hebben we sinds november (tijdelijk) de luxe van twéé auto’s voor de deur, dus kon ik tóch naar het station rijden en J. ophalen. Maar nu moet ik wel iets regelen om de komende week niet zonder vervoer te zitten. Ik bel de ANWB en leg aan een vriendelijke dame uit wat er aan de hand is.  Ze belooft me meteen dat er iemand langs zal komen. Binnen een uur, zegt ze en of ik asjeblieft rekening wil houden met de corona-maatregelen en hem géén hand wil geven.

Een half uurtje later word er al aangebeld. Terwijl ik de voordeur van het slot draai, zie ik de ANWB-man een paar meter achteruit lopen. Kennelijk komt ie bij zijn rondgang langs pechgevallen soms tóch hardnekkige handenschudders tegen. We houden nadrukkelijk afstand en pas als ie z’n handschoenen aangetrokken heeft, geef ik hem mijn autosleutels. Het lijkt op een accu-probleem, zegt hij. Heb ik misschien per ongeluk het licht laten branden? Maar nee, dat levert zo’n doordringende pieptoon op dat ik dat echt niet vergeten kan hebben. Ook hij krijgt de deur alleen met de sleutel open en het duurt niet lang voor het probleem duidelijk is. Het kleine lampje bovenin was blijven branden.

Ik wist niet dat ik dat had aangedaan, maar ben blij dat er zo’n duidelijke oorzaak is van het probleem. Met een startkabel krijgt hij de auto al vrij snel zo ver dat ie weer start.
"Hadden we dit eigenlijk zelf ook kunnen doen met de startkabel?" vraag ik hem. Maar hij kijkt bedenkelijk. "Als je accu echt helemaal leeg is, redt je het vaak niet met zo'n vaderdagkabeltje," hij lacht, "sorry, zo noemen we dat. De meeste mensen hebben zo'n dunne kabel, dan wordt het toch lastig." Even later vertrekt ie met een joviale groet en de opdracht aan mij om een half uurtje te gaan rijden,

Dus stap ik in de auto om te gaan rijden. Maakt niet uit waarheen, als het maar minstens een half uur duurt. Langs vreemd rustige weggetjes rij ik op deze zaterdagmorgen gewoon maar een eind weg. Als ik terugkom, is de accu weer opgeladen en de auto klaar om te starten. Alleen hoeft dat pas donderdag, want de rest van de week werk ik thuis. Vreemde tijden.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...