zondag 11 juli 2021

Vuur en as


Ik beken.
Ik heb een houtvuur gestookt in de open lucht. Niet om mezelf te beschermen tegen roofdieren in de wildernis. Niet als levensreddende warmtebron in een ijskoude poolnacht. En zelfs niet om op te barbecueën. Nee, gewoon voor de lol.

Ik weet het, het mag niet en het vervuilt de lucht met rook en fijnstof. Maar het is zo heerlijk om af en toe een vuurtje te maken.

Mijn verdediging:
De omstandigheden zijn ideaal. De buren zijn op vakantie, er is bijna geen wind, het hout is droog en het is al meer dan twee jaar geleden dat ik een fik stookte.
Zorgvuldig heb ik in de vuurschaal eerst een ondergrond van kleine, kurkdroge, makkelijk ontvlambare strootjes gelegd. Daar omheen een tentje van dunne takjes en daar omheen de dikkere blokken. 

Aansteken met één lucifer, bijna geen rook, af en toe met een pook een groot blok verleggen om wat lucht in het vuur te krijgen. En dan in de zomerse avondlucht zitten en kijken naar de vlammen die langzaam de stukken hout weglikken. Tot er alleen nog grijze as over is die morgen in de compostbak gaat. Die as verrijkt de compost en is heel goed voor de tuingrond.
Aha, tóch nog een nuttige reden gevonden voor m’n vuur.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Nat

De eerste keer vond ik het nogal griezelig. Het gebeurde ’s morgens, op weg naar m’n werk. Ik naderde een rood verkeerslicht, remde af en ze...