zondag 12 april 2026

Operatie Ingrid Marie


close-up handen die een takje op z'n plaats houdenIeder jaar rond half augustus kunnen we appels eten van onze eigen appelboom. Het zijn lekkere appels: Cox Orange, een oud ras. Een week of zes, zeven hebben we een overvloed aan appels, maar heel veel langer kun je ze helaas niet bewaren. 

In een park in de buurt staan appelbomen met andere soorten, die later in het jaar rijp zijn. De rode appeltjes die de naam Ingrid Marie dragen, zijn tot in december eetbaar. Eind vorig jaar gingen we met een plastic tas naar dat park om een paar kilo van die appels te scoren. 

Die wil ik ook in de tuin, bedacht ik. En geïnspireerd door vriend B., die veel van peren- en appelrassen weet en ook veel van enten, besloot ik wat takjes Ingrid Marie op onze eigen Cox Orange boom te zetten.

Ik sprak met B. af in het park en gewapend met een stokzaag en een snoeischaar stonden we een tijd lang met het hoofd in de nek te zoeken naar geschikte takken. “Het moet nieuw hout zijn,” legde B. uit, “en de takjes moeten precies even dik zijn als die waar je ze op ent.” Op zijn aanwijzingen zaagde ik hoog in de boom een vijftal mooie takken af. (Geen zorgen, het waren takken die sowieso komende winter gesnoeid zouden worden)

Met de oranje werkjas van B. en mijn stokzaag zagen we er professioneel uit en hoewel er regelmatig voorbijgangers waren, keek niemand er vreemd van op dat we daar in de bomen stonden te zagen. 
Met de takkenoogst in de fietstas gingen we naar onze tuin, waar B. me liet zien hoe je moet enten. Stukje tak van precies de goede dikte zoeken met drie knoppen. Schuin afknippen en bijsnijden met een superscherp mesje. De ‘ontvangende’ tak net zo schuin afsnijden. In beide schuine snijvlakken een extra snede maken en ze voorzichtig in elkaar steken. Dan omwikkelen met ent-tape. 

close-up handen die een stukje tape om een ent-takje windenVijf takjes zetten we op de boom en bij iedere operatie mocht ik wat meer taken overnemen tot ik de vijfde ent helemaal zelf uitvoerde. Toen B. na de hele sessie zijn scherpe entmes dichtklapte, sneed hij zich zo diep in z’n vinger, dat het noodverband dat we aanlegden niet voldoende bleek. Hij appte later dat hij twee hechtingen had.
 
Intussen is zijn wond weer dicht en nu ga ik elke dag bij de geënte takjes kijken of er al ergens een groen blaadje verschijnt. Nog niet, maar de knoppen zien er dik en levend uit. Ik ben heel nieuwsgierig of alles aanslaat. En als het lukt, komen er volgend jaar vast nog andere soorten bij. 


maandag 6 april 2026

Een tang op een varken


Gisteren zag ik al een eerste nieuwe bewoner van ons insectenhotel rondvliegen. Nou ja, het is nog niet zeker dat deze metselbij echt wil boeken, want ze vloog kritisch van de ene gang naar de andere, verdween toen weer even uit zicht, kwam terug, maar bleef aarzelen. Maar in elk geval begint er dus nu al voorzichtig leven te komen.

Een insectenhotelIntussen hebben H. en ik wat meer verstand gekregen insecten en waar je ze wel of niet mee helpt. Sinds we ons in het Vrijwillig Landschapsbeheer hebben gestort, realiseren we ons meer dan ooit dat het niet zo best is met de biodiversiteit in Nederland en dat een insectenhotel meer is dan alleen zo’n decoratief ding dat je bij de Gamma koopt om lukraak ergens neer te zetten. 

Behalve dat je een zonnige, windvrije plek op het zuiden moet kiezen, waar het niet teveel inregent, is het natuurlijk ook wel fijn als er dichtbij het hotel iets te halen valt voor de bewoners. Bloemen dus, en liefst inheemse soorten. 

Als je daar eenmaal op gewezen wordt, is dat volkomen logisch. Maar niet iedereen denkt er goed over na waar ie z’n ‘bijdrage aan de biodiversiteit’ neerzet. Vandaag reden we over de snelweg langs een groot veld met zonnepanelen. In de verste verte geen bloem, struik of boom te bekennen. En ergens midden voor dat hele kale zonneveld, niet ver van de snelweg, stond op een paal een prachtig insectenhotel. 

Het zag er groot, duur en goedbedoeld uit. Maar helaas heeft het net zo weinig zin als een kinderspeelplaats op een industrieterrein. 
Of een tang op een varken. 
Jammer. 

zondag 29 maart 2026

Boekenkastje

Lichtgeel boekenkastje op twee palen
Toen ie net af was, kon ik het niet over m’n hart verkrijgen om hem buiten te zetten. Het was nat, koud, herfst, winter. Maar nu we de klok weer verzet hebben naar ‘zomertijd’ wordt het tijd. Mijn zelfgetimmerde boekenkastje gaat naar buiten.

Bij het tuincentrum hebben we twee hardhouten palen gekocht. Een week geleden had H. een mechanische grondboor gehuurd voor een landschapsklus en voordat die terug moest, konden we er mooi twee gaten mee boren in de boomspiegel voor ons huis. Nu gaan de palen aan de kast en in de grond.

We dachten het kastje even snel neer te zetten, maar de klus valt nogal tegen. Als we de beide palen in de gaten laten glijden, blijven ze ver boven de bedoelde diepte steken. Zijn de gaten weer dicht geslibt door de regen? Waren ze toch niet zo diep als we dachten? We zullen er nooit achter komen.

Met veel moeite hijsen we kast en palen weer omhoog. Met een handboor maakt H. de gaten weer dieper. Ik heb gemarkeerd hoe diep ze moeten en twijfel of dat gaat lukken. H. vindt dat tien centimeter minder ook best kan en we maken er ruzie over op straat voor ons huis. 

Onze schuin-tegenover-buurman-links komt aanrijden, stapt uit z’n auto en vraagt of we naar olie aan het boren zijn. Dan ziet hij het kastje op z’n rug liggen en zegt vrolijk dat ie nog héél veel boeken heeft die hij wel kwijt wil. Hij verdwijnt naar binnen.

Onze schuin-tegenover-buurman-rechts komt zijn schuurdeur uit, kijkt even naar ons geworstel en komt dan met een handheiblok oftewel palenrammer. Daar hebben we wat aan. Met zijn hulp lukt het om het kastje op de goede hoogte netjes neer te zetten. Ook hij merkt op dat ie wel een stapel boeken heeft liggen om in het kastje te stoppen.
 
Voordat ik me zorgen ga maken over een te grote toevloed aan boeken, hebben we nog een ander probleempje op te lossen. De deur, die toen het kastje nog gewoon op de grond stond perfect in orde was, wil niet meer dicht. Er moet een stukje afgeschaafd worden.
 
Uiteindelijk staat ie. Op de goede plek, op de goede hoogte en met een goed werkende deur. We zijn er een stuk langer mee bezig geweest dan gedacht. Ik zet er wat boeken in die ik voor dat doel al een tijdje klaar heb liggen. En nu ben ik heel benieuwd wat er gaat gebeuren. Wordt ie volgestouwd? Leeggehaald? Gebeurt er gewoon heel weinig? De tijd zal het leren. 

maandag 23 maart 2026

Rondleiding

Ergens rondlopen met een gids die je vertelt wat er voor interessants te zien is, is leuk. Je gaat beter en anders kijken als je op dingen gewezen wordt. Dat kan in een museum zijn, of tijdens een stadswandeling of in de natuur. Vorige week, als onderdeel van het verrassingsfeestje voor H., gingen we met een IVN gids de Weurtse Heuvel op.

Hoewel H. en ik zelf ook rondleidingen geven, is het altijd leuk om door een ander gegidst te worden. Met Hanny waren we nog niet eerder op stap geweest en zij begon met een omweggetje langs een gewone katjeswilg. Een mannelijke wilg met opvallende, grote ‘katjes’, terwijl we op de berg zelf alleen vrouwelijke wilgen zouden tegenkomen.
Onthouden, dat kunnen we zelf in een volgende rondleiding meenemen.

Op het punt waar de wandeling officieel begint, haalde Hanny kleine loepjes tevoorschijn waarmee we de korstmossen op de bomen konden bekijken. Door zo’n loepje ziet zo’n korstmos eruit alsof je onder water bent. Als koraal. Prachtig. Je kunt er natuurlijk ook allerlei andere dingen door bekijken. Zo dichtbij en vergroot worden piepkleine plantjes ineens interessante landschappen. 
Grappig om mensen ineens heel intens te zien kijken naar dingen waar je normaal meestal gedachteloos aan voorbij loopt. Alles ziet er bijzonder uit met zo’n loepje
Ik wil er ook één!

Het verrassingsrondje van 15 maart over de Weurtse Heuvel was vooral fijn omdat het met een groep vrienden en familie was. Het is leuk om zo te kunnen delen waar je mee bezig bent en waar je enthousiast over bent.
 
Vanaf half april beginnen de reguliere rondleidingen weer na de winterstop. Binnenkort hebben we de eerste ‘voor-wandeling’ met alle gidsen. Dan kijken we wat er op dit moment groeit en bloeit. De voorjaarswandelingen worden weer heel anders dan die van het afgelopen najaar. Ik heb er al helemaal zin in. 

maandag 16 maart 2026

Verrassing


slinger groene vlaggetjes 'happy birthday'
De zondag vóór zijn verjaardag heeft H. zijn broers en schoonzussen uitgenodigd. Dat doet hij al jaren en altijd pas op het laatste nippertje. Maar al weken eerder had ik ze een andere uitnodiging gestuurd, op een iets eerder tijdstip en op een andere plaats. Want het moest een verrassingsfeestje worden.

Op zaterdagmiddag deed H. boodschappen en bakte koekjes, in de veronderstelling dat er drie broers en vier schoonzussen op bezoek zouden komen. “Vanaf 12 uur” had hij in z’n mailtje gezet. En dat kwam goed uit.

“Ik heb een cadeautje voor je geregeld,” zeg ik zondagmorgen tegen hem. Maar het is nogal groot en we moeten het om 11 uur gaan halen. Met de auto. “Je hebt je broers toch pas na twaalven uitgenodigd? Dan kan het nog net.”

H. loopt blijmoedig mee naar buiten. 
“Mag ik rijden?” Probeert hij, maar ik pak hem de autosleutels af en zeg nee.
Het is nog geen kilometer naar de houtwerf van VLB, waar een paar mensen die in het complot zitten de kantine hebben versierd, koffie gezet en taart geregeld. Verbaasd constateert H. dat het zware hek open staat en dat er een paar auto’s op de parkeerplekken staan. Op zondag?

We parkeren en ik ga voor, de hoek om, naar de kantine. Het lijkt rustig en pas als we de deur opendoen, ziet H. dat er zo’n 25 gasten in de kleine ruimte zitten te wachten en zodra hij zijn neus laat zien barsten ze in zingen uit.

Hij is oprecht verrast. Níets heeft die argeloze man van me gemerkt van alle mailtjes, appjes, telefoontjes en verstopte tassen met pakken sap, radlers en chips. Er zitten mensen uit verschillende hoeken van zijn leven. Familie, voormalige collega’s, een wandelmaatje, buren, mensen van Vrijwillig Landsdschapsbeheer. zicht op de 'Weurtse Heuvel' oftewel de afvalberg

Iedereen heeft zich van te voren verkneukeld over de verrassing. En als we het hele gezelschap langsgegroet en -geknuffeld zijn, komt er nóg een surprise: een IVN gids die de hele groep zal meenemen over ‘onze’ afvalberg. Een plek waar H. en ik zelf ook gidsen en die hij iedereen graag zal laten zien.

We hebben het weer mee. De wandeling is leuk en interessant en daarna staat er bij ons thuis een lunch klaar, die intussen is afgeleverd. 
Het was leuk om dit verrassingsfeest voor te bereiden en het is nog veel leuker om te zien hoe verrast H. is door alle onverwachte gasten en gebeurtenissen. Dit was al het werk dubbel en dwars waard.

dinsdag 10 maart 2026

Mathilde

De Schouwburg van Nijmegen wordt verbouwd. Daarom zijn we onderweg naar Theater Overasselt, want dat is een van de plekken waar het schouwburgprogramma naar uitwijkt. H. en ik worden opgepikt door de vrienden met wie we een paar keer per jaar ‘iets cultureels’ doen. Het is maar een half uurtje rijden, maar we zijn nog nooit in dit theater geweest. We wisten eigenlijk niet eens dat het bestond.

rijen grijze plastic stoelen
We veroveren een goede plek op de derde rij en vol verwachting kijken we naar het podium waar een batterij gitaren en een contrabas wachten en helemaal vooraan een standaard met microfoon. Een simpele opstelling voor een optreden zonder technische snufjes of bijzondere effecten. Het draait vooral om de stem van de zangeres: Mathilde Santing.

We kennen die stem al lang. Ze moet achterin de zestig zijn en we zijn benieuwd naar haar programma en hoe ze nu klinkt.  
Ze begint voorzichtig, zachte stem dicht bij de microfoon. Een kort liedje. Dat zégt ze daarna ook: “Dat was een kort liedje hè. Dat is maar goed, want we hebben er 183 ingestudeerd.” 

Ze klinkt nog net zo mooi als vroeger (ze is terug na zes jaar afwezigheid). Met haar drie muzikanten brengt ze een afwisselend programma, met ‘alleen maar mooie liedjes’, vertelt ze. Nummers moeten haar aanspreken en dan maakt ze er haar eigen versie van.
 
Het zijn er toch iets minder dan 183. Voor elk lied dat ze zingt vertelt ze iets. Soms met de nodige zelfspot, soms juist heel serieus. Geen lange verhalen; vaak zijn het maar een paar zinnen, maar we merken dat je daardoor nét wat beter naar de teksten gaat luisteren. En hoewel er de hele avond alleen maar een zangeres met twee gitaristen en een contrabassist op het toneel staan, verveelt het geen moment. Wat kunnen ze veel verschillende dingen met deze instrumenten!

Na de pauze vind ik haar steviger zingen dan ervoor en het wordt alleen maar energieker. Als ze tegen het eind van het programma haar entourage voorstelt, vertelt ze dat de samenwerking met haar geluidsman al uit de jaren ’90 stamt en met de lichtman werkt ze nóg langer samen. ‘Fidelity’, heet deze concertreeks dan ook. Ze is trouw aan haar mensen en trouw aan haar muziek. 

Aan het eind van het programma krijgt ze een staande ovatie. Pas nadat we klaar zijn met klappen en langzaam de zaal uit schuifelen, voelen we dat de stoelen van Theater Overasselt toch wel hard en ongemakkelijk waren. Maar wie stoort zich daaraan als je zo van de muziek zit te genieten.

dinsdag 3 maart 2026

Het schip in

Het voordeel van een Amsterdamse dochter is dat je soms een lang weekend op een geheel gerenoveerde etage in Bos en Lommer kunt logeren in ruil voor het verzorgen van twee lieve, verwende Britse kortharen. 

Deel van woningbouwcomplex Het Schip
Op vrijdagavond zetten we onze auto pal voor de deur (tegen een redelijk tarief via de parkeer-app van E.) Op zaterdag bezoeken we het Stadsarchief in een mooi oud bankgebouw aan de Vijzelstraat, en op zondag gaan we Het Schip in. Museum Het Schip is een prachtig woonblok, gebouwd in 1919. Een topstuk uit de Amsterdamse School. 

We hebben online tickets geboekt (gratis, want museumjaarkaart). Tegen twaalven komen we binnen en de man bij de kassa zegt dat er nét een rondleiding begonnen is en als we snel zijn, kunnen we er nog bij aansluiten. We zijn snel.

Het is een groepje van vier, met ons erbij dus zes. We starten bij een nagebouwde krotwoning uit het begin van de 20e eeuw. Veel arme mensen woonden met hun (vaak grote) gezin in zo’n klein, benauwd hokje. De gids toont ons het emmertje waarop iedereen z’n behoefte moest doen en dat eens in de week werd opgehaald. Je begreep meteen dat het veel vaker geleegd moest worden: op straat dus.

Om de ongezonde situatie te verbeteren, kwamen er woningbouwcorporaties die voor betaalbare woningen moesten zorgen. Woningen met stromend water, aparte slaapkamertjes en een wc die je kon doortrekken! Het Schip is een volkswoningbouwcomplex. Niet voor de allerarmsten, maar wel sociale woningbouw. Vanuit de gedachte dat Schoonheid voor arm en rijk bereikbaar moet zijn, werd dit fraaie gebouw neergezet. Zowel van buiten als van binnen is het met prachtige details versierd. 
Hoekje van het postkantoor, met juten postzakken, een 'postbeambte'(pop) en enkele loketten

Onze gids weet veel. Het is duidelijk dat hij niet alleen maar een verhaaltje heeft ingestudeerd. Op alle vragen die we hem stellen heeft hij een uitgebreid antwoord. En vragen zijn er genoeg. Het is geweldig leuk om een gebouw te bekijken met iemand erbij die je vertelt waar je op moet letten en wat dingen betekenen. 

Een pishok op de binnenplaats wordt op z’n plek gehouden door kleine, gestileerde handjes en is versierd met de Amsterdam-kruisjes. Een inpandig postkantoor is in de verschillende grijskleuren van een postduif betegeld, versierd met een randje dat de toen gangbare postzegel van 4 cent laat zien. Een telefoonhok is getooid met een ‘luistervink’ als waarschuwing dat er afgeluisterd kan worden. 

Zo’n rondleiding blijft nog een tijdje in je hoofd nazingen. Als we een dag later weer door de stad fietsen, kijken we met andere ogen naar het straatmeubilair. Een lantaarnpaal, openbare prullenbak of pishok kan ineens zomaar een kunstwerk zijn. Je moet het even weten.

Operatie Ingrid Marie

Ieder jaar rond half augustus kunnen we appels eten van onze eigen appelboom. Het zijn lekkere appels: Cox Orange, een oud ras. Een week of ...