Appelpunt
maandag 25 mei 2026
Theetuinen
Pinksterzondag is het prima fietsweer en ik haal het theetuinenboekje tevoorschijn. We zoeken een route die niet al te ver weg begint maar wel langs plekken komt die we nog niet kennen. Het wordt een rondje Betuwe.
We starten in het kleine dorpje Ommeren, vlakbij het iets grotere Lienden. In het routeboek worden de fruitboomgaarden en het rivierenlandschap genoemd, maar wat ons vooral opvalt is dat hier heel veel boomkwekerijen zijn. Voor de bloeiende fruitbomen zijn we net te laat, maar van de bermen worden we vrolijk. Die zijn op veel plaatsen niet gemaaid en staan vol hoge grassen en wildbloemen.
Het koninklijke stadje Buren kennen we wel. Een mooi, oud stadje, waar we volgens ons boek het Oranjemuseum kunnen bezoeken en een stadswandeling kunnen maken. We doen geen van beide, maar fietsen wel dwars door het centrum.
We zijn al voorbij Zoelmond als we ons realiseren dat daar een theetuin had moeten zijn. Niet gezien! We gaan ook niet op zoek, want het is nog wat vroeg voor een pauze. De tweede theetuin van de route vinden we wél; een flink eind verderop, in Maurik. Het is een knusse plek, gewoon in de tuin bij een woonhuis. Maar dan wel een gróte tuin.
Een vriendelijke dame komt bestellingen opnemen. Ze is vermoedelijk de eigenares en de man die later onze drankjes komt brengen zal haar man zijn. Ik schat in dat de theetuin háár idee was en dat hij daar goedmoedig, maar iets minder enthousiast, in mee is gegaan. Het eigengemaakte sapje is lekker.
De twee stellen die iets verderop zitten zijn in een ruzieachtig gesprek verwikkeld. Ik hoor iemand bozig zeggen: “Liefdesverdriet zegt ie. Kom nou, iemand van tachtig hééft geen liefdesverdriet.” Een gespreksflard waar ik nog een tijd over na blijf denken. Eén van de twee mannen staat abrupt op. “Waar ga je naartoe?” vraagt een van de anderen. “Even wég!” zegt de man. Als wij even later de tuin verlaten, staat hij een eind verderop met de eigenaar te praten.
We fietsen verder en voor we het weten zijn we terug in Ommeren, waar de auto staat. De derde theetuin die we hier hadden moeten passeren is nergens te zien.
52 kilometer staat op de teller. En dat klopt dan weer precies met wat er in het boekje staat. Tóch leuk, deze theetuinenroute.
dinsdag 19 mei 2026
"Ben je nu chagrijnig?"
Vandaag gaan we onze aanplant redden van de verdrinking in de bloemenzee met de dinsdaggroep van Vrijwillig Landschapsbeheer. Twee mensen gaan met de bosmaaier het veld in om gedeelten kort te maaien. Er moet genoeg blijven staan voor de insecten en om zichzelf weer uit te zaaien.
Ik ga met G. en D. naar vogelbosje één.
“Help,
ik herken geen planten en struiken hoor!” roept G. en ik krijg de taak
om instructie te geven over hoe we te werk gaan. Het is even wennen,
maar al gauw weet iedereen hoe je de houtige stammetjes van de struiken
kunt herkennen tussen grassen, bloemen en stevige distels.
Als we
tien minuten aan het werk zijn, komt er een nieuwe vrijwilliger bij.
F., een jonge jongen, die er bleekjes en een beetje afwezig uitziet. Ik
vertel hem wat de bedoeling is en hij zegt:
“Ik heb er helemaal niks
van begrepen.” Dus vertel ik het wat rustiger en duidelijker nog een
keer. Onzeker pakt hij de grote heggenschaar aan.
“Kan het niet met zo’n kleine snoeischaar?”
Ik wijs hem een overwoekerde struik en laat zien hoe die vrijgemaakt moet worden. Voorzichtig gaat hij aan de slag. Ik zie dat F. heel precies werkt en een beetje moeite heeft met waar wel en waar niet. Wel begrijpt hij gelukkig dat de struikjes moeten blijven staan. Ik blijf een beetje bij hem in de buurt en wijs hem af en toe iets aan. Dan vertelt hij me ineens dat hij een drankprobleem heeft en dat hij het nogal moeilijk vindt om met anderen en zichzelf om te gaan. Intussen werkt hij langzaam en zorgvuldig verder.
Om half 11 is er koffie met taart, want we
hebben een jarige. F. blijft liever doorwerken, zegt hij. Ik zoek hem
na de koffie weer op en vraag hoe het gaat. “Het ene moment goed en het
andere moment waardeloos,” zegt hij. Hij vertelt hoe labiel hij zich
voelt en over hoe vervelend hij zichzelf vindt.
“Ben je nu chagrijnig?” vraagt hij als ik een tijdje stil blijf.
“Helemaal niet!”
Ik heb met de jongen te doen. Wat een ellende als je jezelf zo in de weg zit.
Niet
veel later zegt hij dat hij wil stoppen voor vandaag. Dat is prima. Ik
vertel hem dat hij goed gewerkt heeft en dat ik hoop dat hij volgende
week weer komt.
Hij zal het proberen, zegt hij.
Netjes ruimt hij het gereedschap op dat hij gebruikt heeft en dan gaat hij stilletjes weg.
“Tot volgende week!” roep ik.
Hij kijkt achterom.
“Ja,” roept hij terug. “Tot volgende week.”
zondag 17 mei 2026
Swingen met Chopin
Het concert waar we vanmiddag met vrienden naartoe gaan, heeft een inleiding vooraf. Dat is leuk, want je krijgt dan vaak aanwijzingen waardoor je extra goed op bepaalde dingen gaat letten. We gaan luisteren naar het Nederlands Blazers Ensemble en vooral naar hun gast-blazer Maite Hontelé, die het programma mocht samenstellen.
Van het NBE zijn we fan. Het is een enthousiaste groep muzikanten die overal voor in is. We hebben ze al vaker gehoord, met altijd heel verschillende programma’s en muziekstijlen. Vandaag wordt het Latin, want Maite Hontelé is lange tijd een gevierde muzikant geweest in Colombia.
De inleiding is leuk en levendig, met onder andere een live interview met twee gastmuzikanten die Maite heeft meegebracht. Ze vertellen soepel (in het Engels) over hun instrumenten (piano en percussie) en ze hebben duidelijk zin in het concert. Wij ook.
Om drie uur zitten we verwachtingsvol in de zaal en achter ons horen we de muziek binnenwandelen. Letterlijk, het is een complete fanfare. En behalve de beroepsmuzikanten zijn er twintig amateurblazers uit de omgeving bij die zich hebben kunnen opgeven. Zij spelen het eerste nummer mee en zullen later terugkomen voor de afsluiting.
Maite Hontelé heeft voor deze voorstelling muziek uitgekozen waar zij van houdt. Ze vertelt over haar leven en vooral over de muziek. Dat ze al jong naar het NBE luisterde (het ensemble bestaat al 65 jaar) en hoe ze in Colombia haar stijl vond, beroemd werd en haar plezier in het spelen kwijtraakte. Ze borg haar trompet een tijd op maar kwam terug.
Intussen horen we na de startfanfare een swingend Zuid-Amerikaans nummer, een bewerking van een Chopin-prelude, een Spaans feestlied, een stuk Matthäus Passion en zo wisselen spetterende nummers en subtiele bewerkingen van klassiek of anders zich af. Maite is het middelpunt. Ze staat ontspannen te vertellen en de sterren van de hemel te spelen. Je kunt je goed voorstellen dat ze haar eigen band leidde. Maar ze eist niet alle aandacht op; ze geeft gul ruimte aan (solo’s van) anderen.
Het is muziek waar je vrolijk van wordt, maar soms ook raakt het je door prachtige verstilde fragmentjes. Het is het laatste concert van deze reeks en de muzikanten maken er een feestje van. En het publiek doet mee. We worden uitgenodigd om mee te klappen, op te staan en een stukje mee te zingen en er wordt enthousiast geroepen en geapplaudisseerd.
Na de officiële voorstelling gaan de musici nog even door in de foyer. Wij nemen een drankje en praten nog even na voordat we weer afscheid nemen. En we zijn het er zonder meer over eens. Het was een superleuk concert!
zondag 3 mei 2026
Water pompen
Toen we in de namiddag allebei thuis waren, haalden we uit de kleine doos de bestelde waterpomp en uit de grote doos twee slangen. H. had de pomp gekocht voor de vereniging (Vrijwillig Landschapsbeheer), maar we zouden hem hier thuis uitproberen.
Een dag later bekijken we zorgvuldig de handleiding, zetten het filter aan de pomp, doen er twee volle accu’s in en bevestigen de twee slangen (een om aan te zuigen en één om water te geven) en dan gaan we met het hele spul de achtertuin in, die grenst aan een sloot.
We zetten de pomp op een laag muurtje, hangen de zuigslang in het water en dan, het moment van de waarheid, zetten we het apparaat aan. Aan de andere kant van het water kijkt onze achterbuurvrouw belangstellend toe. Volgens de aanwijzingen kan het tot zo’n vijf minuten duren voordat er water uit de slang komt. We wachten de volle vijf minuten, maar er gebeurt niets.
Oké, nog eens de gebruiksaanwijzingen lezen. We vinden een paar filmpjes waar we niet wijzer van worden, proberen het nog een keer en nog een keer, maar helaas, er wordt geen water opgepompt. De buurvrouw staat een beetje te lachen om onze vergeefse pogingen. We koppelen de slangen af en ruimen alles op. Voor nu.Weer een dag later. H. heeft gebeld met de fabrikant en wat nergens in de aanwijzingen stond, weten we nu: de aanzuigslang moet helemaal gevuld zijn met water voordat je de pomp aanzet. Tweede sessie. Maar ook nu blijft de verwachte straal sproeiwater uit. De achterbuurvrouw zegt dat ze nog even wacht voordat ze ook zo’n handig pompje gaat kopen.
H. probeert nu iets anders. Hij haalt het filter weg en sluit de aanzuigslang direct op de pomp aan. En kijk, dát helpt! We horen meteen dat er nu wél iets gebeurt en na een halve minuut komt er een forse straal water uit de slang. Hoera! Alleen zou dat filter er natuurlijk wel tussen moeten als we water uit (soms vieze) slootjes willen pompen.
Intussen is het zondag. Morgen gaat H. opnieuw bellen en we vermoeden nu dat er iets mankeert aan het filter. Sinds een uurtje valt er een lichte, gestadige lenteregen. De tuin is er blij mee. Hopelijk blijft het nog een tijdje doorgaan met regenen, want we hebben een bijzonder droog voorjaar. In elk geval hebben we nu alvast een pomp voor de volgende droge periode. Nu moet alleen dat filter het nog gaan doen.
maandag 27 april 2026
Gescoord op de vrijmarkt
“Bent u op zoek naar iets speciaals?”
“Nee hoor, we kijken gewoon wat er is.”
Ze begint te vertellen hoe leuk het boek is waar ze me naar ziet kijken, vertelt dat een tweede boek voor de halve prijs gaat en prijst een rekenspel aan waarmee je de tafels kunt leren.
“Jij bent een goeie!” zegt H. tegen haar. “Je kunt zó als verkoopster gaan werken.”
Helaas voor haar kopen we niets. Niet bij haar tenminste.
Maar zo her en der komen we een hoop tegen wat we wél willen hebben.
Meestal laat ik me niet tot veel aankopen verleiden op koningsdag, maar vandaag gaan we allebei los, want ik heb tenslotte een boekenkastje aan de straat waar ik alles in kan zetten dat ik (na het lezen) kwijt wil. Ik koop ook een paar boeken waarvan ik vermoed dat ze grif uit het kastje meegenomen worden. Gewoon omdat dat leuk is.
Een tweede reden om naar boeken te speuren is een kastje bij een project van Vrijwillig Landschapsbeheer. We zijn met de vereniging bezig een informatietuin aan te leggen en daar hoort een kastje bij waarin een verzameling planten-, bomen- en vogelboeken niet misstaat. Met boeken die we voor een (soms halve) euro kunnen kopen, is die info-kast voor een habbekrats leuk gevuld.
Het kijken en kopen op een vrijmarkt levert een heleboel grappige, kleine gesprekjes op. Ergens vinden we een tuinboek waarvan de prijs ‘een vrijwillige bijdrage is’, want, zegt de eigenaar, “het is mooi als mensen blijven lezen, dus geef gewoon wat je wilt geven.”
We vertellen dat we het boek in een informatiekast gaan zetten en daar is hij enthousiast over.
Na twee uurtjes struinen hebben we alles gezien. Veertien boeken hebben we gescoord en een fijne, simpele fruitschaal die uit een kerstpakket komt van iemand die bij het Radboud-ziekenhuis werkt. (“We hebben er twee, en één is wel genoeg”)
Tijd voor koffie. Met iets lekkers erbij. Het is tenslotte een feestdag vandaag.
zondag 19 april 2026
Hyrox is hot
“Komen jullie me op 19 april aanmoedigen?” Vroeg dochter E. ruim een maand geleden. Toen we daar nog even over wilden nadenken, zei ze dat we niet te lang moesten wachten, anders konden we geen kaartjes meer krijgen.
“Okee, bestel maar kaartjes dan.”
Hyrox is hot in de fitnesswereld en onze dochter pikt de hypes in die wereld enthousiast op. Je kunt je door slechtere dingen laten meeslepen. Samen met haar vriendin S. is ze de uitdaging aangegaan om vandaag in ongeveer 95 minuten het hyrox parcours af te leggen. Ze hebben er stevig voor getraind.
“Hyrox staat voor 'Hybrid Rockstar' en is een fitnesswedstrijd met een vast format. Je rent een kilometer, stopt voor een krachtoefening, rent weer een kilometer en doet daarna een andere oefening. Dit patroon herhaal je acht keer, waardoor je uiteindelijk 8 kilometer hebt gerend en 8 verschillende krachtoefeningen hebt gedaan.” (bron www.vitakruid.nl)
E. had me een plattegrond ge-appt zodat ik een idee heb van wat waar is, maar dat betekent nog niet dat we meteen snappen waar we als publiek heen moeten. Een extra uitdaging is het vinden van de rest van de fanclub: de ouders en broer van S. en nog wat vriendinnen/collega’s.
Ik app met een vriendin van E. maar de eerste twee krachtoefeningen gaan voorbij zonder dat we elkaar vinden. Als we bij het derde vak staan, tikt iemand op mijn schouder: “You’re E’s mom aren’t you? I’m her colleague.” Ze wijst me waar de ouders van S. staan. Ha, gevonden!
De moeder van S. zit in een rolstoel, maar dat weerhoudt haar er niet van zich in deze drukte te storten om onze dochters aan te moedigen. Mensen gaan vriendelijk voor haar opzij en we staan nu met een hele groep de meiden toe te zwaaien en te roepen. Met enige trots zien we E. en S. onder andere 105 kilo slepen, met 2 x 16 kilo een eind lopen, een vreselijke afstand afleggen met burpies en ook zo’n stuk met lunges (met 10 kilo op de schouders).
Ze doen het goed. In 94 komma iets ronden ze de oefeningen af: heel dicht bij de ingeschatte tijd. Met de hele groep aanmoedigers en de sportievelingen zelf gaan we na afloop nog even iets drinken. Er worden foto’s en filmpjes uitgewisseld en op een app wordt informatie bekeken over tijden en over hoe hoog de hartslag was bij welke oefening.
Dan neemt iedereen afscheid van elkaar met een vrolijk: “Tot de volgende keer.” De sporters vonden het leuk en E. laat me weten dat ze zich door al het trainen hartstikke goed voelt. Dus die volgende keer komt er vast wel.
donderdag 16 april 2026
Favorieten
“Ja, natuurlijk zijn álle kopjes hier van mij, maar dít is echt míjn kop. Die gebruik ik altijd als ik thee of koffie drink.” Ze lachte een beetje om zichzelf en haar sterke servies-voorkeur.
Ik snap dat wel. Ik vertelde haar dat ik ook beslist favorieten heb. Mijn koffie drink ik altijd uit een kopje met precies de prettigste maat en dikte. Als het nog bij de vuile afwas van de vorige dag staat, was ik het speciaal even af om te gebruiken.
En als H. de tafel heeft gedekt, wissel ik vaak snel nog even de messen omdat ik liever die met het smalle puntje heb dan met het ronde.
Waarom? Geen idee. Het is niet dat het ene mes beter snijdt dan het andere. Zelfs bij de theelepeltjes heb ik sterke voorkeuren, terwijl je er alleen maar mee hoeft te roeren. Toch zijn er dus blijkbaar meer mensen met favorieten in servies en bestek.
Met een andere vriendin had ik ooit een gesprek over de hiërarchie die bij haar thuis gold voor een set kommetjes. Die met het all-over strepenpatroon werden altijd het eerst gepakt. Dan waren er kommen met half-strepenpatroon-half-wit, die kwamen op de tweede plaats. De losers waren de kommen met alleen maar een saai stippellijntje. Maar die werden dan af en toe tóch gebruikt “omdat het anders zo zielig voor ze was.”
Als ik er zo over nadenk, weet ik nóg een vriendin die altijd een nadrukkelijke bekerkeuze heeft. Zijn het alleen vrouwen die dit hebben? H. maakt het in elk geval weinig uit waar hij uit eet of drinkt. Ik zal het toch eens gaan rondvragen onder mijn mannelijke vrienden.
En nu je dit toch leest: heb jij dat nou ook??
Theetuinen
Boven, in een van onze vele boekenkasten, staat een hele rij fietsboekjes. Het zijn lange-afstands-routes die we wel eens gefietst hebben, m...
-
Er ligt een klein, hemelsblauw eitje in de tuin. Helemaal gaaf ligt het op een onbegroeid stukje grond. Mijn eerste opwelling is, het op e...
-
Het is ongeveer 10 kilometer fietsen naar Sanguin en voor alle zekerheid doe ik een regenjas aan. Als ik er bijna ben, begint het zachtjes...
-
Vanaf zondag logeert mijn dochter E. hier en vertroetelen we haar, want ze loopt de Vierdaagse: vier keer veertig kilometer. Vanaf haar ti...






