“Wat een heerlijke plek is jouw tuin,” zegt K. als we na het
rondje op het achterterras zitten. “Daar word je toch helemaal rustig van.”
“Hm,” zeg ik, “ik zie hier alleen altijd zo veel wat ik nog moet dóen!”
Ze moet lachen. “Dat ken ik. Eigenlijk moet jij in mijn tuin relaxen en ik in
de jouwe.”
Het tasje dat K. naast haar stoel op de grond heeft gezet,
is maar klein. Dat is wel eens anders, want volgens onze vaste traditie nemen we als we elkaar opzoeken altijd boeken
mee. Daaruit lezen we elkaar fragmenten voor en vervolgens lenen we ze al of
niet aan elkaar uit. Het wordt wel steeds moeilijker om mooi leesvoer te vinden
dat de ander nog niet kent.
“Ik kon eigenlijk niks vinden om je voor te lezen,” vertelt
K. “maar op het laatste nippertje heb ik iets anders bedacht.” Ze haalt een
zakje tevoorschijn en laat lachend zien wat erin zit: theezakjes. “Er staan van
die vragen op de labeltjes. En nou dacht ik: als we die nou eens van elkáár
proberen te beantwoorden. Es kijken hoe goed we elkaar kennen.”
Als ik twee mislukte cappucino’s en een koektrommel op tafel
heb gezet, komt ze met de eerste vraag.
“Waar word je heel gelukkig van?”
“Die is niet moeilijk om voor jou te beantwoorden,” vind ik. “Eén woord: water!”
Haar antwoord voor mij bestaat na even nadenken uit twee woorden: creëren en
tuinieren.
De volgende vraag is moeilijker:
“Wat was vroeger je lievelingsspeelgoed.” Van elkaars kindertijd blijken we
niets te weten. Antwoord geven voor de ander kunnen we niet, maar we zitten
allebei hardop te bedenken waar we zelf graag mee speelden als kind. Het levert
een heel ander gesprek op dan anders. Het begint met speelgoed, maar er komen
ook allerlei andere herinneringen mee.
Van die vragen op theezakjes werd ik altijd een beetje een
wrevelig. Ik kreeg er zo’n ‘waar bemoei je je mee’ gevoel van. Maar kijk, dit
was toch wel een grappig effect.
Nou hebben wij nooit moeite om gespreksonderwerpen te bedenken, maar ik kan me
voorstellen dat een gesprek met iemand die je niet goed kent door zo’n theezakjesvraag
ineens op gang kan komen.
Tussen het praten door genieten we van de lunch en het
lekkere weer en voor we het weten is de halve middag voorbij en stopt K. haar
theezakjes terug in de tas. We omhelzen elkaar en ze stapt in de auto om terug
te rijden naar haar woonboot.
Dat was dus een bezoek zonder boeken en zonder voorleesfragmenten vandaag. Maar
ook zonder boek kunnen we elkaar heel goed mooie verhalen vertellen.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten