maandag 12 mei 2025
Boerderij uit de ijzertijd
We zien buiten al een paar trekkerstenten staan en door de wijd-open deuren zien we er binnen nog meer. Tenten, kampeermateriaal, fiets-outfits en wat een vakantiefietser zich maar kan wensen. Maar wij moeten boven zijn, bij de boeken.
De ruimte lijkt meer op een bibliotheek dan op een winkel. Je kunt gratis koffie pakken met een stroopwafel en er is geen kassa of personeel. Wel een lange tafel met stoelen er omheen, waaraan een paar duidelijke vakantiefietsers hun vakantie zitten te plannen. H. en ik dwalen een tijd rond tussen de kasten vol fietsroutes in de hele wereld.
We willen langs de Moezel gaan fietsen. En we vinden ook een boekje met 50 routes in Nederland. Lekker concreet langs fietsknooppunten. Daarmee kunnen we meteen van start.
Zondagmorgen rijden we met de fietsen achterop de auto naar Wolfheze om vanaf daar de ‘Planken Wambuisroute’ te doen. Het is een zomerse dag en we rijden door een glooiend natuurgebied. Heidelandschap, bosranden, stukken naaldbos met héél veel dode bomen, een bord met ‘boerderij uit de ijzertijd’.
H. rijdt een eindje voor me uit stug door en ik roep:
‘Wil je de boerderij uit de ijzertijd niet bekijken?’
‘Nee,’ roept hij terug. ‘Jij wel?’
‘Ja, ik wél!’
Dus keert H. om en gaat met me mee naar de nagebouwde boerderij met het rieten dak.
Het is een interpretatie, staat op het informatiebord, op grond van tamelijk summiere bodemvondsten. We lopen om het huis heen en er dóórheen, want er is vóór en achter een opening. Ik vind het een mooi bouwwerk met z’n laag overhangende rieten dak en lemen muren. Maar ik vind de interpretatie wel erg degelijk gebouwd en hoog. En om de ijzeren schroeven in de kruiselingse takkenparen bovenop het dak moet ik lachen. “Daar zie je natuurlijk aan dat ie uit de ijzertijd komt.”
Toch leuk dat we hier even gestopt zijn. En de volgende stop, tien kilometer verderop, is ook leuk. Koffie met appeltaart. Om twee uur ’s middags zijn we weer thuis en we zetten meteen onze volgende fietsdag op de kalender. Want dat is ons gezamenlijke goede voornemen: vaker een dagje fietsen.
maandag 5 mei 2025
Documentaire in de achtertuin
Toen het bouwwerk stond, bleef het er stil. Geen gezoem en heen- en weer gevlieg. Ik zocht op internet naar de spelregels van zo’n insectenhotel en we kwamen er achter dat het op een verkeerde plek stond en dat er nóg een paar dingen anders hadden gemoeten. We besloten het even te laten voor wat het was. Maar dit voorjaar verplaatste H. het hele hotel naar een zonnige plek op het zuiden. En het hielp. Zodra de zon ging schijnen begonnen er bewoners te komen.
Ik vind het leuk om te kijken naar de beestjes die een plek zoeken in het insectenhotel. Voor de boomstammetjes, de stukken riet en de dennenappels heeft H. fijn gaas gespannen om te voorkomen dat het hotel een vogelrestaurant wordt. Ik had verwacht dat bijen, vliegen en wespen soepel door de gaatjes van 1 bij 1 cm. zouden vliegen, maar ze hebben er moeite mee.
Vaak landt een bij midden in zo’n gaasgat op het smalle ijzerdraad, verliest haar evenwicht, maakt een koprol en vliegt weer buiten. Nog een keer proberen, weer een koprol. Bij een landing iets verder naar één kant kan ze zich blijkbaar aan de zijkant vasthouden, want dan gaat het goed. Dan worden zorgvuldig een aantal mogelijke woningen geïnspecteerd.
Naar binnen, oh nee, hier woont al iemand, en weer naar buiten. Naar binnen …. Neuh, te smal hier, naar buiten. Naar binn-, oh, sorry, daar komt net iemand anders naar buiten. Naar binnen en … nu blijft ze er een hele tijd in. In de bijendocumentaire hebben we gezien hoe bijen in zo’n gangetje voor elk eitje een kamertje metselen. Dat is leuk om te weten. Na verloop van tijd zie ik dat verschillende gaten helemaal dichtgemetseld zijn.
Vandaag is het bewolkt. Het is stil rondom het insectenhotel. Waar de beestjes blijven als de zon niet schijnt is me een raadsel. Maar als de zon terug is, begint het gezoem weer. Dan ga ik weer af en toe een kwartiertje kijken naar de insectendocumentaire in m’n eigen achtertuin.
zondag 27 april 2025
Houten dienblad
Ik besluit thuis met diezelfde techniek een dienblad te gaan maken. In onze schuur vind ik een smalle plank voor de vier zijden en een plaat voor de bodem. Niet het mooiste hout, maar prima voor een oefenproject.
Zorgvuldig teken ik alles af zoals ik het op de cursus geleerd heb. Het timmermanspotlood dat al jaren ongebruikt in een hoek lag heb ik met de beitel haarscherp gemaakt. Erfenisje van m’n vader, net als de Stanleyschaaf; ik wist niet eens dat ik hem had, maar sinds ik geleerd heb hoe een schaaf in elkaar zit en hoe je hem gebruikt, ben ik er verliefd op geworden.
H. komt af en toe kijken. Hij kan het niet laten om me goede raad te geven, maar eigenlijk wil ik het gewoon zelf doen. Wel is het leuk dat hij me nu enthousiast uitleg geeft over een aantal handige stukken (elektrisch) gereedschap waar ik me tot nu toe weinig mee heb bemoeid. Het is een ontdekkingsreis in onze eigen schuur.
“Weet je waar dit voor is?”
“Kun jij zien welke boortjes voor hout zijn en welke voor steen?”
“Voor wat je nu doet, heb ik misschien een handiger zaagje.”
En ja, ik moet toegeven dat dat zaagje handiger is. Maar verder laat ie me zelf aanklooien. Zelfs als ik in gevecht ben met de workmate waarvan ik het inklapsysteem maar niet onder de knie krijg.
Nu is m’n dienblad bijna klaar. Het is een doodsimpel ding; waarschijnlijk had ik er zo een gisteren voor een euro op de rommelmarkt kunnen kopen. Maar deze heb ik zelf gemaakt. Zie je die knoest in het voorste handvat? Daar dwars doorheen heb ik toch maar een mooi, glad gat voor elkaar gekregen.
Leuk hoor, om dit te kunnen. En ik wil nog meer leren. Binnenkort begint de cursus weer. Ik heb er echt zin in.
zondag 20 april 2025
Mislukte voorleessessie
Ik heb iemand (geen idee wie) naar Dedicon gebracht en heb afgesproken om te wachten tot ze daar klaar is. Dan neem ik haar weer mee terug. Deze persoon is verder uit beeld en ik loop door een gang waar ik mijn ex-collega B. tegenkom.
“Hé, wat leuk! Kom je weer eens een dagje voorlezen?” vraagt B.
Ik schud mijn hoofd vertel dat ik alleen maar wacht tot X. klaar is. Maar tegelijk bedenk ik dat dat pas om 12 uur is, dus dat ik ruim genoeg tijd heb om wél een voorleessessie te doen. B. geeft me een bakje met tekst en een klein opname-apparaat en ik ga op zoek naar een lege studio.
Alle studio’s zijn bezet en als ik me omdraai sta ik in de houtwerkplaats van Perlo, waar ik een timmercursus volg. Er is teveel lawaai om hier voor te lezen. Ik loop door de grotere opslagruimte, waar op verschillende plaatsen mensen met hun opnameapparaatjes zitten voor te lezen. Te druk hier.
Ook buiten zijn voorlezers aan het werk en er lopen ook allerlei toeristen rond. Bij een grote, vierkante vijver zie ik een rustig plekje maar een andere voorlezer is me voor. Ik kijk op mijn horloge en zie dat het al kwart voor 12 is. Het heeft niet veel zin meer om nu nog te beginnen. Ik breng de spullen terug naar B. en excuseer me dat het niet gelukt is.
Daar houdt mijn droom op. Ik doe mijn ogen open en zie dat H. naast me ligt te lezen.
“Hé, was jij al lang wakker?”
Ik vertel hem wat ik gedroomd heb en hij zegt grinnikend dat ik maar een mailtje moet sturen naar ex-collega B. over die droom.
Dat ga ik doen. Je krijgt een linkje B.
zondag 13 april 2025
Bezoek uit Los Angeles
![]() |
| Skyline Los Angeles |
Natuurlijk loopt niet alles zoals gepland. De vrienden van het bordspel moeten afzeggen vanwege een ernstig zieke opa. Jammer. En nét in deze week krijgt I. een ontsteking die het lopen zó pijnlijk maakt dat veel plannen ondoenlijk worden. Gelukkig is C. flexibel, kan ze fietsen en vindt ze ons voorstel leuk om hierheen te komen en samen een stuk langs de dijk te fietsen.
H. en ik fietsen voorop en achter ons horen we de twee vriendinnen zo druk in gesprek dat ik me afvraag of het eigenlijk veel uitmaakt waar we zijn. Als we een kudde wilde paardjes in de uiterwaarden zien, maken we een fotostop. C. houdt van paarden, vertelt ze. Verderop stoppen we nog een paar keer om iets aan te wijzen en/of foto’s te maken. Het weer werkt mee en het is een gezellige tocht.
Later op de dag hebben we ook nog een rondje varen in de aanbieding. En dan een cocktail. We hadden bedacht om met z’n allen te koken, maar eigenlijk is het niet zo handig om met z’n vieren in de keuken bezig te zijn, dus we laten de twee vriendinnen lekker kletsen terwijl wij groente snijden voor de gadogado.
Ze kunnen het eindeloos over kleine details hebben, zoals de betekenis van een bepaald woord in verschillende talen. Het is leuk om te horen hoe ze op dezelfde golflengte zitten.
Na het eten besluiten we om een bordspel te doen. Het spel is nieuw voor C. en ook nog in het Nederlands, maar met een beetje hulp van I. lukt het haar verbazend goed om mee te spelen.
Het wordt later dan we hadden gedacht en de volgende ochtend moet iedereen vroeg op, want dan staat er een dag Amsterdam op het programma. En ook daar heeft I. gelukkig hulptroepen. Haar laatste nacht in Nederland kan C. in het huis van E. slapen. En zondagmorgen vertrekt ze weer naar Amerika. Volgens mij was het ondanks alle hindernissen toch een geslaagde week.
vrijdag 4 april 2025
Vliegen - deel 2
(lees hier: Vliegen deel 1)
Vanuit de lucht bestaat Nederland voor een groot deel uit vierkanten en rechthoeken. Ik weet natuurlijk dat we een klein landje hebben met veel keurig verkaveld land, maar zo van bovenaf is het toch confronterend. Gelukkig zijn we al gauw boven de Veluwe: donkergroen met grote, lichte zandplekken.
“Daar ligt Deventer,” wijst E. “Ik zie de grote kerk al bij de rivier.”
Ik
tuur naar beneden en probeer iets te herkennen. Moeilijk, vind ik, zo
van bovenaf. Wat wel heel duidelijk zichtbaar is, is de IJssel. Rivieren
zijn handig om op te navigeren, al is dat in een tijd van GPS schermen
eigenlijk niet meer nodig. We volgen de IJssel. “Dit is Zutphen,” vertelt E. en even later wijst hij Doesburg aan.
Van Arnhem herken ik het station en als we bij Nijmegen zijn, maken we
een extra ronde boven de stad. Daar de Waal, de Stevenskerk, de brug …
en nu naar het Westen.
Ik heb H. een berichtje gestuurd dat we straks over ons huis vliegen. Hij zal zwaaien, appte hij terug. Beneden zie ik ons dorp, onze wijk, ons huis. We gaan wat lager en maken een rondje linksom en een rondje rechtsom, maar hoe ik ook speur, ik zie geen zwaaiend poppetje in de tuin. H. heeft óns natuurlijk wel gezien, laat hij weten als we op weg naar Hilversum zijn.
Boven Utrecht zien we de Dom en iets verderop kasteel De Haar, waar ik niet lang geleden samen met H. op bezoek was.
Door naar Hilversum, waar we een hobbelige landing maken op gras. Op het zonnige terras van het vliegveldrestaurant trakteer ik E. op koffie met appeltaart.
Zelfs na zo’n koffiestop moet er gecheckt worden voor we weer de lucht
in gaan. Een korte controle deze keer. En opnieuw toestemming vragen om
te mogen vertrekken. Als het mag zullen we over Amsterdam vliegen, maar
dat hangt van de verkeersdrukte op Schiphol af. We hebben geluk en maken
een rondje laag over de stad en dan een klein uitstapje boven
Zunderdorp. Tenslotte vliegen we met een bocht over het Markermeer om vanaf het Noord-Westen weer op vliegveld Lelystad te landen.
"Vergeleken met een grasbaan is de landingsbaan hier een eitje," zegt E. Maar net tijdens de landing gebeurt er iets met de wind dat turbulentie oplevert en hij moet een flinke wiebel opvangen. “Moet ik er toch nog voor werken,” lacht hij.
We staan weer op de grond en omdat er na ons iemand anders met de Victor Foxtrot Charly de lucht in gaat, kunnen we hem laten staan.
Nog even napraten, een glas water drinken en dan moet ik vertrekken om niet in de file terecht te komen. Ik bedank E. heel hartelijk voor dit vliegtochtje op maat. Wanneer krijg je zoiets nou zomaar cadeau … Ik heb er echt van genoten!
Vliegen - deel 1
De vliegclub is op de tweede verdieping en bovenaan de trap staat E. me al op te wachten. Na onze vorige afspraak waarin wij, lang geleden klasgenoten, opnieuw kennismaakten, zullen we nu de lucht in gaan.
Op een briefje moet ik mijn gegevens achterlaten. E. verzamelt de spullen die mee moeten en dan verlaten we, aan de ‘verboden voor onbevoegden’ kant, het clubgebouw om naar de hangar te lopen. Daar staat de PH VFC (Victor Foxtrot Charly).
Als je een auto huurt, kijk je voor je vertrekt alleen even of er geen beschadigingen zijn waar jij straks voor moet opdraaien. Met een vliegtuig op stap gaan is andere koek. E. controleert eerst het oliepijl. Dan haakt hij een metalen stang aan het vliegtuigje om het met de hand naar buiten te trekken. Daar doet hij een rits veiligheidscontroles en tankt genoeg bij om onze tocht te kunnen maken (verdeeld over de tanks in de linker en de rechtervleugel).
In de cockpit vertelt E. me wat alle wijzertjes betekenen en is er een
lange checklist die stap voor stap afgewerkt moet worden. Doen alle
lichten het? Er worden knoppen ingedrukt of op de goede stand gezet,
hendels los- of vastgezet, getallen genoteerd, een kompas goed afgesteld
en tenslotte doen we de veiligheidsriemen om, zetten we de headsets op
en vraagt E. aan de toren toestemming om te vertrekken.
Dat moet
vanaf baan 05, zegt de toren en E. knikt. Dat had hij al gedacht. We
taxiën naar het begin van de baan en draaien daar om, om tegen de wind
in op te stijgen. Met een bocht verlaten we het vliegveld en terwijl E.
de communicatie met de toren afrondt (alles in het Engels) zie ik de
wereld beneden veranderen in een maquette met kleine gebouwtjes en
piepkleine autootjes.
(lees hier: Vliegen deel 2)
Fascinating Gershwins
Het zijn meestal vooral oudere mensen die komen kijken en luisteren naar de musici tijdens de Muziekzomer Gelderland, al mikken ze op een br...
-
Er ligt een klein, hemelsblauw eitje in de tuin. Helemaal gaaf ligt het op een onbegroeid stukje grond. Mijn eerste opwelling is, het op e...
-
Het is ongeveer 10 kilometer fietsen naar Sanguin en voor alle zekerheid doe ik een regenjas aan. Als ik er bijna ben, begint het zachtjes...
-
Mijn zoon krijgt zijn bul. We schrikken een beetje van de datum want het is kort dag en voor ons allebei een onhandige dag om vrij te nem...





