Posts tonen met het label huis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label huis. Alle posts tonen

zaterdag 13 maart 2021

Ornament

Wij wonen in een twee-onder-een-kap woning. Net als de andere huizen in onze straat, heeft het onze een rond lopend dak. Direct onder de boog van dat dak, zit op de zolderverdieping een groot raam, grenzend aan net zo’n raam van het buurhuis. Allebei een halve boog dus. Op de grens van deze ramen is, zeven meter boven de grond, een ornament aangebracht in de vorm van een langwerpig stuk hout.

Het is onbewerkt hardhout, bedoeld om met de jaren een verweerd, grijs patina te krijgen. Maar daar is onze overbuurman het niet mee eens. Hij heeft het hout jaren geleden al eens van de gevel geschroefd om het te schuren en te lakken en deze week krijgt het een nieuwe behandeling.

Dat heeft heel wat voeten in de aarde, want op zeven meter hoogte manipuleren met een zwaar ornament is geen kattenpis. Eerder in de week zagen we P. buiten voor zijn schuurdeur bezig met het gevaarte. Vandaag hangt hij het, met hulp van zijn zoon, terug

Vanuit ons keukenraam zien we hem aan het werk. Terdege voorbereid, met een klimtuig om en een rol touw in zijn handen, gaat hij de hoge ladder op die tegen de voorgevel staat. Hij zekert zichzelf door een muskethaak aan de metalen buis te klikken die langs de dakrand loopt. Ook aan het stuk hout is een touw vastgemaakt dat boven over de buis gaat en weer naar beneden, waar de zoon klaarstaat om het op te takelen.

Als P. boven in de juiste positie staat, gaat het ornament langzaam de lucht in. Daar moet het met twee zware bouten weer vastgezet worden. Gelukkig is onze overbuurman bijzonder handig en bovendien is hij een gecertificeerd bergbeklimmer. We kijken dan ook onbezorgd toe hoe hij deze heikele klus tot een goed einde brengt.

Terwijl hij bezig is, wordt de lucht donkerder en nog geen kwartier nadat de ladder aan de overkant is weggehaald, barst er een hagelbui los waarbij stevige windvlagen onze tuinstoelen omver blazen. Ondanks zijn ervaring in de bergen zal P. blij zijn dat hij nu niet op die ladder staat. Zijn houten sierbalk ziet er, als enige in de straat, weer als nieuw uit.

vrijdag 8 januari 2016

De officiële overdracht


We moeten naar notaris Lautenbach in Heemskerk. Aan de Kerklaan nummer 11. Mijn broer en ik hebben geen enkele moeite om dat adres te onthouden; we zijn allebei geboren op Kerklaan 11 (maar dan niet in Heemskerk). Een symbolische plek dus om afstand te doen van ons ouderlijk huis, want dat is waar we voor komen.

Vanaf onze eigen Kerklaan rijden we in colonne naar Heemskerk. De makelaar, de kopers, mijn broer en tenslotte H. en ik.
‘We liggen mooi op schema’, zegt onze makelaar tevreden als we om tien voor 1 aanbellen. Maar in de agenda bij de notaris staat half 2.
‘Ze is naar huis om te lunchen’, zegt de medewerkster die ons binnenlaat. ‘Maar ik zal haar bellen. Misschien kan ze wat eerder terug zijn.’
We mogen plaatsnemen in een zijkamer met rondom comfortabele banken. Twee aan twee raken we aan de praat. Over het huis, het dorp, Amsterdam, wie nu waar woont en waarom. Genoeg om elkaar te vertellen. Maar goed ook, want het duurt lang. De notaris is niet eerder terug. Integendeel.
Om kwart voor twee is ze er nog niet. En koffie krijgen we ook niet aangeboden.
Juist als H. de zijkamer uitloopt om te vragen of ze ons vergeten zijn, komt de medewerkster zeggen dat de notaris onderweg is.
Even later is ze er. Iedereen krijgt een hand en de kopers worden uitgenodigd om alvast naar het kantoor te komen. Na een paar minuten mogen wij ook het kantoor in. Gelukkig komt er nu wél koffie. We zijn er aan toe.

Nu ze er is, wil de notaris ook opschieten. Zonder poespas neemt ze de akte van overdracht met ons door. Omdat iedereen het concept per mail al had gekregen, hoeft niet alles voorgelezen te worden. Alle paspoorten worden gecontroleerd, niemand heeft vragen over de akte. Nu komt het meest formele gedeelte.
‘Ja, dit moet even’, zegt de notaris alsof ze zich daarvoor moet verontschuldigen, ‘anders zijn jullie allemaal voor niets gekomen.’ Dan haalt ze diep adem en terwijl ze op elke pagina van de akte een paraaf zet, met de bladzijden op tafel tikt om ze netjes recht op elkaar te krijgen, een paperclip op het document clipt en dan een overduidelijke blik op de klok werpt, raffelt ze de officiële formule af over ieders aanwezigheid en goedkeuring etcetera. Dan vraagt ze of we de sleutel nog moeten overhandigen aan de kopers. We kijken haar allemaal verbaasd aan. Dat is toch een essentieel onderdeel van de overdracht.
‘Nou ja’, zegt ze ‘het gebeurt ook wel eens dat mensen elkaar in de wachtruimte de sleutel al gegeven hebben.’

Waarschijnlijk is de notaris blij dat het allemaal zo vlot ging. Maar wij hebben wat minder haast. We nemen hartelijk afscheid van de kopers, die ons op het hart drukken dat we welkom zijn als we nog eens in het huis willen komen kijken.  Mijn broer en ik beloven om dat zeker een keer te doen. Het is tenslotte het huis waar we zijn opgegroeid.

zondag 27 december 2015

Kun je even een kuub ruimte vrij maken?




Ruim twee-en-een-half jaar nadat mijn vader overleed, is nu zijn huis verkocht. Het huis waar mijn broers en ik opgroeiden, aan de rand van Amsterdam. Voor de overdracht, begin januari, haalt mijn jongste broer nog de laatste spullen weg, zodat we de boel leeg kunnen opleveren. De dingen die we echt willen bewaren, hebben al lang een ander plekje gekregen: de ronde, eiken tafel die pa ooit zelf maakte bijvoorbeeld, het servies, de verzameling borrelglaasjes, de dagboeken van mijn moeder, foto’s… Maar helemaal leeg was het nog steeds niet. We hebben afgesproken dat alles nu gewoon weg mag. Dat we niet nog een keer één voor één allerlei spullen in onze handen nemen en twijfelen en aarzelen. Wat er nu nog staat, gooit hij met z’n ogen dicht in een aanhanger en hij brengt het naar de stort.
‘En als ik nog foto’s vind?’
‘Breng die maar bij mij’, zeg ik. ‘Dan zoek ik die wel uit.’
Op eerste kerstdag komt mijn broer met z’n gezin bij ons eten. Na een gezellige middag en een uitgebreide kerstmaaltijd staan ze op het punt om weer in de auto te stappen: ‘kun je nog even een kuub ruimte vrij maken in je schuur?’ zegt broertje, ‘ik heb nog wat dozen voor je.’
Het zijn inderdaad een paar flinke dozen die hij heeft meegenomen. De grootste ervan is gevuld met kleinere dozen vol papieren. Het zijn niet alleen foto’s, maar ook klappers met oude financiële administratie, schoenendozen met brieven, vele jaargangen kerstkaarten, polissen, kladjes met gedichten, rouwkaarten, uitnodigingen, wat je maar aan papierwerk kunt verzinnen. Er zijn zelfs een paar vellen bonkaarten bij uit de oorlog.


We gaan er een ochtend voor zitten, H. en ik. Hij neemt de klappers voor z’n rekening. Ik neem zorgvuldig de dozen met brieven door. In de dozen herken ik de luchtige hand van opruimen die mijn moeder had. Tussen de brieven uit de verlovingstijd van mijn ouders zitten allerlei andere dingen, zoals brieven die ik haar zelf geschreven heb, verdwaalde kerstkaarten en aankoopbewijzen van elektrische apparaten. Hun brieven leg ik met enige aarzeling bij de groeiende stapel ‘weggooien’. Het gaat tenslotte niemand wat aan wat twee verliefde mensen elkaar in de vorige eeuw schreven.
Een paar dingen willen we bewaren. Een paar mooie, oude foto’s van mijn ouders en nog wat familiefoto’s waar ik zeker iemand blij mee kan maken. De kleurige bonkaarten, wat tenslotte historische documentatie is, en een klein doosje met daarin een stapeltje fietsbelastingplaatjes. 
Twee kleine houten kistjes, ongetwijfeld door mijn vader zelf gemaakt, blijven uiteindelijk over.
Op zes januari zullen we een leeg huis overdragen. Een huis waarin de afgelopen twee jaar een huurster heeft gewoond, maar dat nog steeds ons huis is. Straks niet meer. Het zal vreemd zijn. Net voor die overdracht brengen we onze dochter met haar hele hebben en houden naar Amsterdam, waar ze gaat wonen. En zo houden we tóch een band met die stad. Bijzonder.

zondag 11 januari 2015

Fijn huis


Deze maand verdiep ik me in het thema “Licht”. Dat zonlicht belangrijk is voor mensen, dieren en planten wist ik natuurlijk al lang, maar nu ik op allerlei websites over licht rond surf, word ik daar weer eens extra op gewezen. Hoe verlichter de samenleving, hoe minder we buiten komen. En dat is eigenlijk heel ongezond.
Prompt neem ik me voor om meer tijd buiten door te brengen. Ook als het weer nou niet bepaald uitnodigend is. Maar dat vergt wel wat zelfdiscipline.

Vandaag is het niet zo moeilijk. Het waait wel hard, maar het is droog buiten en af en toe laat de zon zich zelfs even zien. H. laat zich makkelijk overhalen om mee te gaan en omdat we fietsen met deze wind niet echt leuk vinden, gaan we lopen.
Gewoon vanaf onze eigen voordeur wandelen we verschillende wijken van het dorp door. We vertellen elkaar welke huizen we leuk vinden en welke saai. We vinden heel verschillende dingen leuk. H. houdt van moderne architectuur en strakke vormen. Een in mijn ogen fantasieloos, wit blok huis vindt hij mooi. Ik hou meer van wat knussere huizen. Met rieten daken bijvoorbeeld, wat hij dan weer niks vindt.
Maar er zijn ook veel dingen waar we het over eens zijn.
Zoals dit huis.

Dat vinden we allebei heel mooi.

We lopen kriskras door het dorp, kijken naar bekende plekken, naar nieuwe dingen en naar details die ons nooit eerder zijn opgevallen. Al met al zijn we bijna twee uur buiten en als we weer thuis komen zijn we niet alleen heel tevreden over het bewegen in de buitenlucht, maar ook over ons eigen huis. Dat vinden we namelijk allebei een mooi, blauw huis met een fijne tuin op een goeie plek. Heel goed om dat af en toe weer eens vast te stellen

woensdag 8 september 2010

Beton en steigers.

Ruim elf jaar wonen we nu in ons huis en dan gaan er dingen slijten. Afgelopen voorjaar besloten we tot een nieuwe vloer. Al langer stond vast dat dit jaar het stucwerk aan de buitenkant van het huis moest worden schoongemaakt en geschilderd. Toevallig kwamen de afspraak met de vloerleggers en die met de schilder in dezelfde week terecht.
Vandaag loop ik rond op beton. De overgebleven meubels staan een schijn van gezelligheid op te houden, maar het huis klinkt hol. Op het terras achter staan fietsen, die in de schuur plaats moesten maken voor dozen en kastjes. Dicht tegen elkaar staan ze in de druilregen, naast de weggeschoven tuintafel.
Voor het raam staat een steiger.
Schilderen gaat niet als het regent, maar schoonspuiten wel. Ik hoor het constante lawaai van de hogedrukspuit en de motregen wordt met nepvlagen aangevuld.
Nadat ik onverschrokken een klein rondje heb hardgelopen zit ik boven achter de computer. Echt gezellig is het hier ook niet, want rondom me staat de inhoud van een boekenkast opgestapeld. Eigenlijk wil ik gaan douchen maar er zijn twee redenen om te aarzelen.
Ten eerste kan er ieder moment een man met een hogedrukspuit voor het badkamerraam verschijnen. Ten tweede kan er aangebeld worden door iemand die een nieuwe vloer komt afleveren.
Ik besluit eerst maar koffie te gaan drinken. Gezellig op de betonnen vloer samen met de schilders. Meteen na de koffie blijkt de muur rondom het badkamerraam aan de beurt te zijn, dus ik stel het douchen nog even uit. Een telefoontje leert dat de vloer pas later op de dag gebracht wordt. Dan kan ik straks eerst nog even boodschappen doen.
Lekkere dingen, om vanmiddag iets speciaals te koken, want met binnen beton en buiten motregen moet er toch iets gebeuren waar je vrolijk van wordt. Ik denk dat de situatie minstens om Tiramisu vraagt.
Of zie ik daar de lucht wat lichter worden?

Wonderlijk dat iets tegelijk sappig én droog kan zijn

Zondagmorgen. We zijn laat opgestaan, maar omdat de tijd vannacht een uur terug is geschoven, zitten we toch nog voor tien uur aan het ontbi...