zondag 18 juli 2021

Hoog water


Zondagmorgen om half tien zetten we de fietsen buiten en draaien de schuurdeur op slot. We willen langs de Waal naar Kleve fietsen, daar koffie drinken en niet te laat in de middag weer thuis zijn.
De weg naar Nijmegen kunnen we dromen, maar aan de Waalkade ziet het er vandaag bijzonder uit. De weg is afgesloten voor auto’s vanwege het hoge water. Waar je normaal vanaf de kademuur een paar meter lager het water ziet, kabbelt het nu tot vlak onder de rand. We fietsen er langs tot we niet verder kunnen omdat het water hier brutaal tot aan de straat komt. Langs een dranghek lopen we met fiets en al een wat hoger gelegen terras over langs een glooiend grasveld. Het laagste deel is nu een strand van gras, er lopen een paar kinderen op blote voeten pootje te baden.

Iets verderop kunnen we verder fietsen. De weg loopt omhoog onder de Waalbrug door. Links beneden ons ligt de Kaai. Het feestterrein is vandaag een pierenbad van donkerbruine drab.

Wat later rijden we door de Ooypolder. Het fietspad is een eind van de rivier af, maar die is flink uitgedijd. Rijen bomen staan tot hun middel in het water. Aan een vrachtschip dat voorbij vaart, zien we welk deel van de weidse plas de Waal moet zijn. Pontjes varen niet, behalve op één plek midden in de uiterwaarden waar een verhoogd dorpje ligt – Schenkenschanz, in Duitsland. De toegangswegen verdronken.


Na twintig kilometer rivier maken we een scherpe bocht naar rechts. Een lang, recht fietspad leidt tussen bomen door naar Kleve. In het voortasje van H. zitten mondkapjes en de twee gele boekjes om te bewijzen dat we gevaccineerd zijn. De vorige keer dat we bij onze favoriete konditorei kwamen, moesten we met een koffie-to-go verderop op een bankje gaan zitten omdat we pas één (niet bewijsbare) inenting hadden gehad. Vandaag wordt nergens naar gevraagd.

De terugweg fietsen we ‘binnendoor’, maar we komen wel weer uit bij de Waalkade, waar inmiddels het hoog-water-toerisme is ontwaakt. We moeten afstappen om met de fiets aan de hand tussen iedereen door te slalommen. Mensen zitten op bankjes met aan hun voeten het water met voorbij spoelende stukken hout en andere rommel. En de terrassen zijn gezellig druk. Wij vinden één terrasbezoek wel genoeg en fietsen door naar huis.

Om twee uur zijn we terug. Nog een hele middag voor ons. Om lekker lui in de tuin een boek te lezen, pruimen te plukken, een cocktail te drinken, een blogje te schrijven. Lekker weekend.



zondag 11 juli 2021

Vuur en as


Ik beken.
Ik heb een houtvuur gestookt in de open lucht. Niet om mezelf te beschermen tegen roofdieren in de wildernis. Niet als levensreddende warmtebron in een ijskoude poolnacht. En zelfs niet om op te barbecueën. Nee, gewoon voor de lol.

Ik weet het, het mag niet en het vervuilt de lucht met rook en fijnstof. Maar het is zo heerlijk om af en toe een vuurtje te maken.

Mijn verdediging:
De omstandigheden zijn ideaal. De buren zijn op vakantie, er is bijna geen wind, het hout is droog en het is al meer dan twee jaar geleden dat ik een fik stookte.
Zorgvuldig heb ik in de vuurschaal eerst een ondergrond van kleine, kurkdroge, makkelijk ontvlambare strootjes gelegd. Daar omheen een tentje van dunne takjes en daar omheen de dikkere blokken. 

Aansteken met één lucifer, bijna geen rook, af en toe met een pook een groot blok verleggen om wat lucht in het vuur te krijgen. En dan in de zomerse avondlucht zitten en kijken naar de vlammen die langzaam de stukken hout weglikken. Tot er alleen nog grijze as over is die morgen in de compostbak gaat. Die as verrijkt de compost en is heel goed voor de tuingrond.
Aha, tóch nog een nuttige reden gevonden voor m’n vuur.

zaterdag 10 juli 2021

Voor het goede doel

‘Goeiemiddag!’
Er staat een opgewekte twintiger voor de deur. Aan een lint om zijn nek hangt een ID badge.
‘Heeft u wel eens gehoord van Make a Wish?’
‘Jawel,’ zeg ik, ‘En nu ga jij me vragen of ik daar donateur voor wil worden. Maar ik ga geen nieuwe donateurschappen meer aan.’
De jongen lacht vrolijk en schudt zijn hoofd.
‘Nee, het gaat niet om donateurs. Ik wil u alleen vragen om een lot te kopen voor Make a Wish.’
‘Oh,’ zeg ik zonder daar lang genoeg over na te denken. ‘Een lot wil ik wel kopen.’
‘Dat is fijn.’ Hij vertelt dat de corona een tijd lang het vervullen van wensen onmogelijk maakte. En hoe mooi het is dat ernstig zieke kinderen nu weer blij gemaakt kunnen worden…

Intussen heeft hij een tablet tevoorschijn gehaald en nu wil hij een aantal gegevens van me noteren.
Naam, geboortedatum.
Ik frons: ‘waarom moet je dát weten?’
‘Omdat we geen loten mogen verkopen aan personen jonger dan 26 jaar.’
Hm. Mijn rekeningnummer moet hij natuurlijk ook hebben.
Ik hou er niet van om al die persoonlijke gegevens rond te strooien en heb nu al spijt. Maar oké, beloofd is beloofd.

Dan blijkt het eenmalige lot toch alleen maar eenmalig als ik de overeenkomst opzeg.
‘Nou voel ik me toch wel een beetje in de maling genomen,’ vertel ik hem en hij put zich uit in verontschuldigingen en ja, zo is het systeem nou eenmaal, maar het is echt heel makkelijk om af te zeggen en niemand zal proberen om me toch over te halen…
Tja.

Zodra ik een bevestigingsmail binnen heb, wil ik de vervolgloten gaan afzeggen, maar dat blijkt pas te kunnen nadat ik een volgende mail heb gekregen waar mijn lotnummer in staat.
Als ik dat de volgende dag doe, moet ik het lotnummer opgeven dat ik wil opzeggen. Ik begrijp dat ik dan betaald heb voor een lot dat niet geldig is. Hoewel dat precies mijn bedoeling was, een eenmalige gift, vind ik het tóch niet kloppen.

Voor de zoveelste keer neem ik me voor om aan de deur niets anders meer te doneren dan gewoon anoniem geld. De goede doelen die ik wil steunen, zoek ik zélf wel op.

vrijdag 2 juli 2021

Wat heb je liever, rode of zwarte bessen?

Het is bessentijd. Vorige week plukte ik al een kilo rode, nu zijn ook de zwarte bessen rijp. Ik ga met een schaaltje de tuin in en wurm me tussen de bessenstruiken om te oogsten. Eerst moet het net eraf dat er de vogels tegen moest houden. Dat valt nog niet mee, want in de paar weken dat het net over de struiken ligt, zijn er wat takjes van de bes doorheen gegroeid, maar vooral veel haagwinde oftewel piespotjes.

Ik pluk een kleine anderhalve kilo en daarna gaat H. op jacht naar de rode bessen. Als je jam maakt, kun je maar beter een heleboel tegelijk maken, want of je nou vier potten maakt of twaalf, de hoeveelheid afwas- en opruimwerk is ongeveer gelijk.

In de schuur haal ik een stel lege potten van de plank waar in een hoekje netjes de vier potjes rode-bessenjam staan die ik vorige week maakte. De voorraad van vorig jaar is verdwenen. Net na de eerste nieuwe lichting maakten we de laatste pot bramenjam open. Goeie timing!

Bessen stuk koken, door de roerzeef, suiker erbij en opnieuw aan de kook brengen en dan voorzichtig in de schone potten gieten. Zo maken we elf potten verse jam. H. likt de pannen uit en volgens mij krijgt ie zo wel een halve pot zoete jam binnen. Ik zou er misselijk van worden, maar hij vindt het heerlijk.

Op de voorraadplank in de schuur beginnen de verhoudingen weer te schuiven. Ging het tot vorige week van ‘alles vol’ naar ‘alles leeg’, nu gaat het weer de andere kant op. Want na de bessen komen de appels en de bramen. En de peren van de buurman, en de perziken van buren verderop die er zelf niks mee doen, en de pruimen van de pruimenboompjes-in-de-buurt. 

Hoe we dat allemaal op krijgen? Een groot deel neemt zoetbek H. voor z’n rekening, maar het is natuurlijk ook altijd leuk om potjes jam weg te geven. Dus als we binnenkort een keer afspreken, weet je wat je verwachten kan. Wat heb je liever, rode of zwarte bessen?


woensdag 30 juni 2021

Optometrist

We zitten met z’n drieën in de wachtruimte bij de optometrist, maar ik ben de enige die koffie heeft gekregen. Die voorkeursbehandeling krijg ik omdat ik net oogdruppels toegediend heb gekregen en nu verplicht een kwartier moet wachten. Als ik een paar slokjes gedronken heb, zie ik dat aan de binnenkant van het kopje een bril is afgebeeld. Grappig.

Ik ben hier omdat ik de laatste maanden merkte dat mijn leesbril niet meer helemaal voldoet. Bij een oogmeting bleek ik inderdaad wat meer sterkte nodig te hebben en omdat ik me verder nog wat dingen afvroeg over een vroegere herpes-infectie in m’n oog en over floaters, werd me aangeraden om een vervolgafspraak te maken bij de optometrist.

Doordat ik met en voor mensen met een visuele handicap werk, hoor en lees ik veel verhalen over oogziekten en ben ik me er zeer bewust van hoe kwetsbaar en bijzonder een paar goede ogen zijn. Ik neem dus graag het zekere voor het onzekere en nu mag ik dan plaatsnemen in de speciale stoel voor een apparaat dat mijn oogdruk meet en vanuit alle hoeken de oogbol met toebehoren controleert.

Als ze ook nog vanaf alle kanten met een akelig fel lampje mijn ogen heeft bestudeerd, laat de optometrist me zien wat de bevindingen zijn. Ik luister geïnteresseerd naar haar uitleg en stel een heleboel vragen. De test waarbij je moet kijken naar een raster van rechte lijnen, doet me denken aan een interview waarin iemand vertelde dat in haar familie Macula Degeneratie voorkwam en dat ze altijd naar de tegeltjes in de douche kijkt om te checken of lijnen niet vervormd zijn.

Ze knikt. Vervormde lijnen kunnen wijzen op MD. Mijn oogdruk is goed en verder ziet alles er ook prima uit. Ze wijst aan waar de oogzenuw loopt en waarom dat er netjes uitziet. Hoe het netvlies vastzit en dat ook dat allemaal in orde is. Er zweven wat floaters rond, die de boel een beetje blurren, maar ze zitten niet midden in m’n gezichtsveld. Kortom, behalve dat de scherpte wat minder is geworden, is er helemaal niets om me zorgen over te maken.

Maar een nieuwe bril is dus echt wel een aanrader. Ik word overgedragen aan haar collega om een model uit te gaan zoeken. Sinds mijn vorige bril is de monturenmode een stuk bescheidener geworden. Geen dikke, donkere randen meer, maar smalle, vaak zilver- of goudkleurige. Ik kies een rode en hoor onbewogen de prijs aan. Duur, zo’n bril!! Maar een goed zicht is veel waard. Nog een weekje, dan zie ik de wereld weer heel gedetailleerd.

zondag 27 juni 2021

Kattenspam

Er is een nieuwe huisgenoot in het leven van E. gekomen. Hij is klein, harig en schattig en ze is er helemaal vol van. Jack heet de Britse korthaar die ze nu een kleine twee weken in huis heeft. Ik krijg voortdurend foto’s en updates over zijn vorderingen.

De eerste nachten sliep het beestje bij haar op bed, maar wegens een verschil in slaapbehoefte doet ze nu toch maar ’s avonds haar slaapkamerdeur dicht. En wonderwel doet Jack daar niet al te moeilijk over. Een klein beetje aan de deur krabben en daarna zocht ie gewoon een plekje op de bank.  

E. is lang op zoek geweest naar een jong katje. Tijdens de lockdown was ze bepaald niet de enige die besloot dat het met al dat thuiswerken gezellig zou zijn om een huisdier te hebben. Nu het haar eindelijk gelukt is om haar ware Jack te vinden, worden om haar heen de huisdieren al weer ingeleverd bij het asiel: toch teveel werk, niet meer zoveel tijd, tegengevallen, wie zal het zeggen.

Maar E. vertelt ons dat ze zich er zeer bewust van is dat je met een jong katje een commitment aangaat voor misschien wel vijftien jaar. Over de eerste twee weken van die vijftien jaar is ze heel tevreden. Hij is lief, makkelijk en sociaal. Dat laatste is al behoorlijk op de proef gesteld. Er komen voortdurend vriendinnen langs om Jack te zien en liefst ook te knuffelen.

Vandaag komen wij langs. Binnen struikel je over de kattenspullen. Een krabpaal, een paar speeldingen met balletjes erin, een bakje water en een kattenfonteintje… Op het balkon staat de superdeluxe kattenbak, in de vensterbank is een soort hangmat geïnstalleerd en in een kastje staat het speciale Britse-korthaar-voer. Deze kat zal niets tekortkomen.

We maken uitgebreid kennis met Jack en dan lunchen we samen en doen een kaartspelletje. Dan wil E. nog even samen met mij een plant kopen bij de praxis en mogen haar vader en broer zomaar bijna een uur op de kat passen. Als we weer vertrekken, omhelzen we elkaar, mijn dochter en ik. Ik ben blij dat ze zo’n lief huisgenootje heeft en ik hoop dat ze me voorlopig blijft bestoken met kattenspam.

zaterdag 19 juni 2021

Verrassingsoverval

Voor het eerst in lange tijd komen onze vrienden P. en H. eten. Sinds Corona in ons leven kwam, zijn zij erg voorzichtig omdat P. tot de risicogroep hoort. Nu wij allebei twee prikken gehad hebben en zij samen drie, durfde ik ze uit te nodigen om m’n verjaardag te komen vieren. Niet op 17 juni, een bloedhete donderdag, maar een dag later. Iets koeler en de opmaat naar het weekend.

Na de nachtelijke regen zetten we de deuren tegen elkaar open en voelt de ochtend lekker fris. In de middag beginnen we met het klaarmaken van allerlei lekkere kleine gerechten en als onze gasten rond vijf uur op de fiets aankomen, gaan we op het terras een cocktail drinken. Een stevige regenbui jaagt ons naar binnen, waar we even later ook eten.

In de vroege avond kunnen we weer naar buiten. Net als wij houden P. en H. van bordspellen en we halen Wingspan tevoorschijn. De hele mikmak spreiden we op tafel uit. Vogelkaarten, speelborden, voedselfiches, dobbelstenen, eieren… het ziet er gezellig uit. We leggen zo’n beetje de spelregels uit en beginnen aan de eerste ronde.

Ineens klinken er twee vrolijke stemmen vanaf de hoek van het huis.
‘Hartelijk Gefeliciteerd!’ Het zijn mijn broer en schoonzus uit Den Ilp (Noord-Holland). Onverwacht komen ze langs om me een mooie bak met vetplantjes te brengen. Ik ben verbaasd en blij verrast, maar vraag me wel even af hoe leuk dit voor onze vrienden is. Maar daar hoef ik me geen zorgen over te maken.

‘Nee joh, we zijn meteen weer weg!’ zegt m’n schoonzus T. als ik ze koffie aanbied. ‘We moesten hier in de buurt zijn om iets op te halen. Ik had nog zitten vissen toen ik je gisteren belde, of jullie wel thuis zouden zijn en zo.’ Intussen is mijn broer al in gesprek geraakt met motorjournalist P.  Die twee blijken allebei ooit bij hetzelfde heftruck-bedrijf gewerkt te hebben. En ze zijn allebei grote praters.
T. rolt met haar ogen. ‘Geef me toch maar een glas water,’ zegt ze, ‘want dit kan wel iets langer duren dan ik dacht.’

Een half uur later gaan ze weer. Mijn broer met het door P. geschreven boek over motortechniek onder z’n arm. Gesigneerd en wel. Leuk, zo’n verrassingsoverval!
Het spel heeft geduldig op ons gewacht. We spelen verder tot diep in de nacht.




Theezakjes

Mijn vriendin K. komt lunchen. Ik heb lekkere broodjes en kaasjes gekocht en het is precies het goede weer om buiten te zitten. Maar eerst m...