Een guagua is een kleine bus, iets groter dan bij ons een negenpersoons busje. Het zijn ongelooflijk afgeragde dingen met links een dubbele rij stoelen en rechts een enkele, maar aan elke stoel zit een leuning die in het middenpad uitgeklapt kan worden. In de open deur van het busje staat een man, half binnen, half buiten. Overal waar langs de weg iemand stil straat, lijkt stil te staan of (misschien) aan komt lopen, stopt de guagua en loopt de man van de deuropening naar mensen toe om ze het busje in te praten. Mensen worden van de overkant gehaald, andere auto's tegengehouden zodat nieuwe passagiers kunnen oversteken. Dat gaat allemaal met veel geroep en gebaren.

Het gaat langzaam. Het verkeer zit vast, alles rijdt chaotisch kriskras door elkaar. Als niet alles eenrichtingverkeer was, zou het levensgevaarlijk zijn. Verkopers banen zich een weg tussen de auto's door en verkopen rustig hun handel door de open ramen.
Ook alle ramen van de guagua staan wijd open, maar we komen zo langzaam vooruit, dat dat weinig frisse lucht oplevert. Het is plakkerig warm, het ruikt naar uitlaatgassen maar vooral naar een zoetig mengsel van fruit en iets kruidigs. Met z’n drieën op twee stoeltjes zitten we niet echt comfortabel. Toch geniet ik van deze gekke busrit.
Na een half uur zijn we bij de rand van mijn wijk. Ik zie waar ik ben, maar had niet bang hoeven te zijn om het te missen. De chauffeur gebaart dat ik er hier uit moet. De meisjes naast me staan op om me door te laten. Ik stap over hun stoel heen naar de uitgang en geef de man aan de deur op goed geluk 50 peso's. Ik krijg er keurig 25 terug. Glimlachend loop ik terug naar mijn hotel. Leuke ontdekking, die guagua.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten